In ‘De Afspraak op Vrijdag’ op 13 januari 2023

Samen met Fouad Gandoul (columnist) en Nadia Naji (voorzitster Groen) was ik te gast bij Ivan De Vadder, op canvas, op vrijdag 13 januari.

We hadden het over de deal die de federale regering sloot met Engie (oa over nucleair afval), over asielzoekers in Brussel, en over ‘Het verhaal van Vlaanderen’.

Wat de canon juist betekent, leg ik hier uit.

“Zijn we veranderd door de coronapandemie?” Filosofisch Elftal, Trouw, 23 december 2022

Door Maurice Van Turnhout, verschenen in Trouw op 23 dec. 2022.

“In het Filosofisch elftal legt Trouw een actuele vraag voor aan twee filosofen uit een poule van elf. Vandaag: dit weekend vieren we Kerstmis zonder coronalockdown, betekent dat ook een terugkeer naar het Oude Normaal?

“Hoewel ik hoopte dat we er beter van zouden worden, heeft het ons eigenlijk slechter gemaakt”, constateerde James Kennedy in zijn column in deze krant. Hij had het over drie jaar coronapandemie.

In de zomer van 2020 was de angst voor het virus vermengd met hooggespannen verwachtingen. Met Covid-19 zouden er tal van sociaal-maatschappelijke veranderingen mogelijk worden, herinnerde Kennedy zich: de lucht zou schoner worden door minder (vlieg)verkeer; het vertrouwen in de overheid zou toenemen; er zou zelfs een nieuw gevoel van solidariteit worden opgewekt.

Nu vieren we de eerste Kerstmis sinds 2019 zonder beperkende maatregelen. Zijn we veranderd door de pandemie, en zo ja, in welk opzicht?

“Inderdaad zou je tijdens de pandemie een toename van solidariteit hebben verwacht”, zegt Tinneke Beeckman, filosoof en columnist. “Tijdens grote rampen zijn mensen eerder solidair met elkaar, ze hebben dan hun prioriteiten beter op een rijtje en komen makkelijker tot samenwerking. Schrijver Rebecca Solnit concludeerde dat in haar boek A Paradise Built In Hell.”

Vast in hun bubbel

“Maar ze sprak daarin vooral over aardbevingen, branden en orkanen, en zulke rampen verschillen wezenlijk van pandemieën. Tijdens een pandemie wantrouw je de ander, want die kan het virus bij zich dragen. Door de aard van de pandemie raakten mensen vereenzaamd, ze kwamen vast te zitten in hun bubbel, ze brachten meer tijd op sociale media door dan goed voor hen was.”

“De grootste verandering van de coronapandemie is dus dat niet de solidariteit, maar de polarisatie is toegenomen – en dan vooral de polarisatie tussen burgers en overheid. Die polarisatie heeft de overheid ook aan zichzelf te danken. Het taalgebruik van politici jegens vaccinweigeraars was vaak bikkelhard, de Belgische premier De Croo zette die mensen a priori weg als egoïstisch en asociaal.”

“Er werd geen rekening gehouden met de verscheidenheid aan motieven die mensen konden hebben om zich niet te laten vaccineren. Velen ervoeren de coronamaatregelen als onrechtvaardig, en toen ze er ook nog eens van werden beschuldigd dat ze het slecht voorhadden met de samenleving, werd hun verzet tegen de overheid deel van hun identiteit. Mensen die tijdens de pandemie in verzet kwamen tegen de maatregelen wantrouwen nu ook de overheid als het gaat om klimaatwetten of steun aan Oekraïne.”

Filosoof en schrijver Désanne van Brederode denkt dat hiermee iets aan het licht kwam dat al jaren aan de hand was. “Deze mensen voelden zich al niet gehoord door instanties, ze waren al langer apolitiek. Ik wil ze niet allemaal over één kam scheren, maar veel Nederlanders die zichzelf ‘spiritueel’ noemen leidden jarenlang een prima leventje zonder zich met politiek bezig te houden en zonder dat de politiek zich al te veel met hén bemoeide. Die mensen hebben de coronamaatregelen als een enorme inbreuk op hun vrijheden ervaren, ze schrokken zich een hoedje dat hun harmonieuze bubbel werd doorgeprikt en ze ineens op verantwoordelijkheden als burger werden aangesproken.”

Marionetten van een alternatieve macht

“Rattenvangers als Thierry Baudet zagen in die groep een enorm kiezerspotentieel, mensen die je verder kon volstoppen met wantrouwen over klimaat, Oekraïne, de Europese Unie. Deze boze burgers wijzen trots de gevestigde macht af, maar ondertussen zijn ze marionetten geworden van een alternatieve macht die zich warm loopt. Ze zijn ook niet meer terug te halen, vrees ik. Politiek is voor hen intrinsiek het kwaad geworden.”

“Ik wil het leed niet bagatelliseren van bijvoorbeeld kleine ondernemers die tijdens de lockdowns hun bedrijf op de fles zagen gaan, en er zijn absoluut fouten gemaakt door politici bij het implementeren van de coronamaatregelen, maar als mensen die maatregelen vergeleken met een dictatuur of oorlogssituatie dacht ik vaak: stap eens een azc binnen en vraag dáár eens wat mensen hebben meegemaakt.”

Schrijnende toestanden

“Dan begrijp je dat het allemaal reuze meevalt. Ik hoorde van een vriendin uit Iran dat de leiders daar deden alsof er helemaal geen virus bestond, en welke schrijnende toestanden dát opleverde. Bij Syrische vluchtelingen proefde ik vooral dankbaarheid dat het virus in Nederland zo grondig werd aangepakt.”

Beeckman: “De manier waarop politici ervoor kozen om schuld en schaamte op te wekken bij de bevolking was in zekere zin effectief, daardoor lieten veel mensen zich vaccineren. Maar zo’n houding wekt onvermijdelijk ressentiment. Rebecca Solnit signaleerde al dat solidariteit bij rampen afneemt wanneer politieke elites in paniek raken, te paternalistisch optreden en te weinig vertrouwen hebben in de kracht van burgers. Dat wantrouwen wordt dan teruggekaatst naar de overheid.”

Helende retoriek

“Vertrouwen kan je terugwinnen door mensen inspraak te geven in burgerraden, vaak ook op lokaal niveau. Vertrouwen heeft een sterke fysieke dimensie: mensen moeten elkaar kunnen ontmoeten. Tijdens de pandemie kon dat logischerwijs niet, alles was immers op afstand geplaatst. Daarom is het broodnodig dat de overheid haar fouten in die periode toegeeft en tot een helende retoriek komt, waardoor mensen zich weer betrokken voelen bij de samenleving.”

“Ik maak me vooral zorgen om de politiek afwijzende houding bij jongeren. Tijdens de pandemie hadden zij grosso modo meer last van de maatregelen dan van het virus: scholen waren dicht, ze konden niet samenkomen, ze konden niet weg van hun ouders om te wereld te ontdekken, ze konden enkel een schijnleven leiden op sociale media. Klachten over mentale gezondheid zijn toegenomen, de wonden van die periode zijn nog altijd niet geheeld.”

Van Brederode: “Als jonge mensen mentale klachten krijgen van vertraging, dan is dat probleem veroorzaakt door eerdere generaties. Die hebben namelijk een cultuur gecreëerd met allerlei onuitgesproken aannames: een feestje is pas een feestje met meer dan vijftig gasten, vakantie moet per se aan de andere kant van de wereld worden gevierd, alles moet snel en overdadig en spectaculair.”

“Het leven onder de coronamaatregelen was absoluut zwaar en zorgelijk, maar ik mis wél die vertraging. Contacten waren zo gerantsoeneerd dat je bij gesprekken meer de diepte in ging, je had de tijd om ontmoetingen te laten bezinken. En nu kan dat niet meer, omdat het jachtige leven weer is begonnen.”

Verandering, versobering, vertraging

“Denkers als Hartmut Rosa pleiten al jaren voor vertraging: het gaat mis in onze maatschappij als we wél eisen dat mensen bewuste keuzes maken maar ze niet de tijd krijgen die daar voor nodig is. In de zomer van 2020 hing er iets in de lucht van verandering, versobering, gezonde vertraging. Waarom helpen we elkaar niet om die vertraging vast te houden, waarom zien we die verandering niet meer terug in de maatschappij? We hebben het er liever niet meer over, we zijn overgegaan tot de orde van de dag.”

‘Maak je een fout? geef het toe en laat het los. Zonder verwijten, zonder berouw’ – kleine levensles, voor Klara

Radio Klara verzamelt ‘kleine levenslessen‘; korte stukjes waarin mensen een kleine, werkbare levenswijsheid meegeven.

De mijne gaat over zelfverwijten en berouw na een fout. Eerlijk aan jezelf toegeven dat je even de mist inging, is veel beter dan excuses zoeken of anderen verwijten. Maar ook beter dan jezelf slecht te blijven voelen. Soms ben je gewoon niet wie je dacht dat je was. Geef het toe, en laat het los.

Dat is niet altijd even makkelijk… het lijkt mild excuses te bedenken. maar dat is het niet.

De korte levensles bevat geen verwijzing naar filosofen. Maar voor de liefhebbers: ik pas de principes van Spinoza’s Ethica toe.

“Het Inzicht”, podcast van Joël de Ceulaer, DM.

In de nieuwe podcastreeks Het inzicht vraagt redacteur Joël De Ceulaer aan slimme mensen om een cruciaal inzicht met ons te delen. Filosofe Tinneke Beeckman vertelt wat Spinoza ons leert over het verschil tussen macht en kracht, en hoe we ons niet mogen laten leiden door sentimenten als angst en hebzucht. We moeten onszelf leren kennen, zodat we kunnen kiezen voor wat ons gelukkig maakt.

(foto: Thomas Sweertvaegher)

“Haal je identiteit niet uit je job”, column DS, 16 juni 2022

“Burn-out neemt pande­mische vormen aan. Er zijn wellicht veel verklaringen en interpretaties. Eén model legt de nadruk op de rol van identificatie: mensen zien zichzelf als hun werk, ervaren moeilijkheden op hun werk als een persoonlijk ­falen en komen zo in een negatieve spiraal terecht, zoals de artikelenreeks van Nathalie Carpentierin ­deze krant al liet zien. 

Bij elke identificatie zijn er drie beelden die elkaar beïnvloeden, volgens de Franse sociologe Nathalie Heinich: hoe je naar jezelf kijkt (zelfperceptie), hoe je je voorstelt aan de buitenwereld (presentatie) en hoe die buitenwereld naar jou kijkt ­(designatie). Die drie veranderen voortdurend: hoe je bekeken wordt, verandert je zelfbeeld en je houding tegenover anderen, bijvoorbeeld. Heinich gebruikt haar concept om de levensloop van (vrouwelijke) kunstenaars te analyseren. Het is ook interessant om de betekenis van werk te ­begrijpen.

Op de vraag wie je bent, volgt vrij snel de vraag naar de job die je uitoefent. Je bent in hoge mate wat je doet. Met de moderniteit werd de baan een ­belangrijker element van de identiteit. Ze vervangt de sociale status die vroeger uit familiebanden of ­gemeenschapsfuncties werd afgeleid. Zo illustreert de job bij uitstek de sociale mobiliteit. Voor vrouwen geldt dat nog meer. Ze zijn méér dan dochter, echtgenote, moeder. 

‘Je bent je job’ heeft ook een keerzijde. Wie ben je nog als je werkloos bent, of als je niet kunt werken? Een job is meer dan een job: het is een bron van levensvervulling. Precies dat ideaal draagt bij tot burn-out, ­aldus Jonathan Maselic, in The end of burn-out. Why work drains us and how to build better lives. Volgens Maselic treft burn-out niet alleen mensen die perfectionistisch handelen. Maar vooral wie verwacht dat werk een dieper verlangen naar betekenis inlost. Je geeft je hart en je ziel; dus hoop je dat je ziel vervuld wordt. Alleen is het twijfelachtig of betaald werk die rol kan waarmaken. 

Maselic herstelde zelf van een zware burn-out. Hij vermoedt dat de diagnose zo vaak valt, omdat dat verdict relatief minder lastig is voor een hardwerkende mens. Liever een burn-out dan een depressie. Of liever een werkprobleem dan een confrontatie met de meer existentiële ontreddering. Of liever overwerkt dan overbodig, voor wie, naar het woord van David Graeber, een ‘bullshit-job’ heeft (een repetitieve, slechtbetaalde, onbevredigende baan). 

Bedrijven moedigen de verwarring tussen wie je bent en wat je doet aan, om de productiviteit op te drijven: jij hebt een missie! En dus vervagen de grenzen: dit is toch geen ­labeur, maar passie! Op de werkvloer richt men ontspanningsruimtes in: pingpongtafels, meditatiehoekjes en koffieruimtes. De boodschap is duidelijk: hier vind je alles om optimaal te zijn, en dus te functioneren. ­Natuurlijk is een fijne werkomgeving ­belangrijk. Alleen heb je het recht om wat je gelukkig maakt niet op het werk te zoeken. In zijn boek noemt Maselic deze sluipende ­bedrijfscultuur een kolonisering van het innerlijke leven. Een deel van het antwoord op de burn-out kan zijn dat je beseft méér te zijn dan het werk dat je doet. 

Identiteit is ook hoe je je voorstelt aan de buitenwereld. Gedreven werknemers erkennen niet graag dat ze het moeilijk hebben. Hun onbehagen maakt hen wel onaan­genamer in de omgang. Maselic vermeldt drie elementen van burn-out: uitputting die niet door rust opgelost raakt, ­cynisme (minder ­betrokkenheid, negatieve houding tegenover anderen), en ­gevoelens van nutteloosheid en inefficiëntie. Die drie symptomen bouwen geleidelijk op, tot de spreekwoordelijke druppel. 

Maselic beschrijft ook zijn gedrag in de aanloop naar de burn-out: ­ ­superioriteitsgevoel tegenover minder presterende collega’s, woede en frustratie, cynisme, botheid. De schijnbaar perfecte performer moest zijn kwellingen verbijten, en werd een lastige collega. Burn-out is geen kwestie van één individu, maar van een dynamiek tussen mensen. Hoe voel je je bekeken op de werkvloer? Als een kracht en als een risico. 

In het hedendaagse winstmodel wordt een werknemer als een risicovolle investering beschouwd, als een persoon die veel geld kost en het liefst zo veel mogelijk oplevert. De ­financiële risico’s wentelen bedrijfsleiders het liefst op de werknemer af. Die moet voortdurend verantwoorden wat hij doet. Mede daarom ­nemen de administratieve lasten toe. In de ogen van het personeel zijn dat overbodig, nodeloos controlerende taken. 

Structureel vermindert de werk­gever zijn kosten door tijdelijke contracten. Personeel dat tekortschiet, kan goedkoper afvloeien. Voor de flexibele werker wordt het leven zo risicovoller. De freelance-economie zingt de lof van de vrijheid: je kunt werken waar en wanneer je wilt. Maar met die autonomie komt ­precariteit. Hoe vrij ben je als je elk baantje moet aanvaarden om rond ­te komen? 

Kortom, het ideaal dat werk ­belooft – een identiteit, levens­vervulling – botst met de harde ­realiteit, met de berekenende, ­afstandelijke logica die tal van ­domeinen in de samenleving regelt.”

Deze column verscheen in De Standaard, op donderdag 16 juni 2022.

“Zoet zijn de vruchten van de tegenspoed”, in Trouw, 23 mei 2022.

“Mensen vertellen over hun persoonlijke leefregel of een inspirerende zin. Vandaag: filosofe Tinneke Beeckman. “, door Marije van Beek, in Trouw op 23 mei 2022.

“Een zin die ik al een tijdje bij me draag is een uitspraak van William Shakespeare. ‘Zoet zijn de vruchten van de tegenspoed, die, als de pad, afzichtelijk en vol gif, toch in het hoofd een kostbare edelsteen draagt.’ Hij heeft het dus over een pad als het dier dat op een kikker lijkt. In de late middeleeuwen ging het veel over paddenstenen, mythische stenen die op de hoofden van padden zouden zitten. Maar dit terzijde.

“Ik werd bij het schrijven van mijn boek over Machiavelli weer aan die zin herinnerd. Want ook hij komt op dit idee: dat een ogenschijnlijke tegenslag een dieper geluk verbergt.

Machiavelli heeft als gewone burger een positie kunnen verkrijgen in de aristocratische wereld in de Florentijnse republiek. Maar hij kwam daar niet vandaan, terwijl het in die kringen heel belangrijk was om de juiste connecties te hebben en daarmee het vertrouwen van de elite te krijgen. Hij heeft wel een goede opleiding genoten, waardoor hij toch rondreizend diplomaat kon worden.

“Zo ontmoette hij Cesare Borgia, en paus Julius II en anderen. Buitengewoon machtige mannen. Aan zijn observaties van die wereld heeft hij zijn inzichten ontleend. Maar het was soms levensgevaarlijk: hij moest al zijn intelligentie inzetten voor die baan. In zijn boek De prins beschrijft hij hoe die noodzaak, die moeilijke omstandigheden, hem gevormd hebben. Hij heeft iets wat niemand hem kan afnemen. Dat maakt hem veel meer waard dan iemand die wél tot een hoge familie behoort.

Een verborgen geschenk in tegenspoed

Hij maakt een enorme ontwikkeling door. Niet alleen omdat zijn eigen inzichten, talenten en karakter tot volle bloei komen. Maar ook omdat hij de mogelijkheid van geluk ontdekt op een plek waar je die het minst verwacht. Daar schrijft hij over, hoe de situaties waarin je als het ware met de rug tegen de muur staat, waarin je weinig opties hebt, allemaal gelegenheden zijn om te tonen wat je kunt. Om een bepaalde deugd te tonen: moed, geduld, volharding.

“Oftewel: er kan een soort verborgen geschenk in tegenspoed zijn. Het kan onaangenaam zijn, het leven kan heel moeilijk worden, maar als je het omarmt als gelegenheid daartoe, dan kan het ook een wending naar het goede zijn. Dan komt het beste in je naar boven.

Ik zie dat ook in mijn eigen leven zo, bijvoorbeeld bij deadlines. Mijn eerdere boek, over Spinoza, moest echt af zijn op moment dat ik wegging uit de academische wereld. Er hing enorm veel van af, dat was heel lastig, maar tegelijk is het ook fantastisch gebleken. Je moet jezelf echt bewijzen. Dat is heel intens. Ik merk weleens bij mensen die heel veel middelen hebben dat zij nooit in zo’n situatie zijn gekomen. Uiteindelijk bereik je dan minder, en haal je voor jezelf minder uit het leven.

Het lelijke beest kan iets goeds in zich dragen

Het is ook omgekeerd waar, denk ik. Succes is overroepen, dat kan juist neergang in zich dragen, omdat het je makkelijk zelfgenoegzaam maakt. Dat is heel contra-intuïtief, want we leven in een samenleving waarin iedereen alsmaar meer succes wil. Of we denken dat het ideale leven is op een paradijselijk eiland waar je niks hoeft te doen. Maar een gewoon leven is vele malen verrijkender.

“In sprookjes weet je vaak meteen of iets goed of slecht is. Maar in het echte leven kan het lelijke beest dat je ziet ook iets goeds in zich dragen. Je weet vaak niet of iets wat je overkomt nou goed is of slecht – dingen als een ontslag, een verhuizing, of een verbroken relatie. Als je je daardoorheen worstelt, worden er vaak hele mooie dingen mogelijk. Je vloekt, je denkt: o nee, wat moet ik nu doen, dit is onaangenaam. Maar eigenlijk is het een geschenk. Voilà.