Gesprek over “Nieuwe Studie: Vlaamse filosofen durven niet rechts te denken”, DM, 31 juli 2019

De Morgen-journalist Pieter Gordts contacteerde me over een nieuwe studie van de Kuleuven, over intellectuele diversiteit. Mag je niet-links zijn aan Vlaamse universiteiten?

Over het gebrek aan openheid, schreef ik reeds een column in De Standaard: ‘Het gevaar van zelfcensuur‘.

“Filosofen zijn overwegend links. Dat hoeft volgens een nieuwe studie geen probleem te zijn. Wel problematisch is dat het tot zelfcensuur leidt: afwijkende conclusies worden begraven uit angst voor kritiek. ‘De wetenschap schiet zichzelf hiermee in de voet.’

door PIETER GORDTS

“Mochten mijn collega’s weten dat ik gematigd rechts ben, dan zou de helft van hen mij een ‘onmenselijk zwijn’ noemen en als dusdanig behandelen. De andere helft zou zwijgen, uit angst de volgende te zijn.” Met die getuigenis schetst een anonieme filosoof in een nieuwe studie hoe wetenschappers met een rechtse politieke overtuiging scheef bekeken worden binnen de academische wereld.

Dat universiteiten linkse enclaves zijn in een samenleving die steeds meer rechts stemt, wordt af en toe wel eens geopperd in rechtse politieke hoek. Maar binnen de academische wereld is de kwestie een taboe. “Vaak wordt er gedaan alsof er geen politieke bias is en de filosofie compleet neutraal is”, zegt filosoof Andreas De Block (KU Leuven). “Nochtans circuleren er online en ook in het echte leven veel anekdotes over hoe vijandig de academische filosofie is tegenover rechtse filosofen en conclusies.”

Toch boog De Block zich net over die vraag, samen met twee Amerikaanse wetenschappers en een Duitse collega, Uwe Peters (KU Leuven). De aan het begin geciteerde persoon is een van de 796 bevraagde filosofen. Concreet probeerden ze te achterhalen welke overtuiging hun collega’s aanhingen en wat de gevolgen daarvan zijn op hun academisch werk. Hun artikel verschijnt binnenkort in het tijdschrift Philosophical Psychology, maar werd ondertussen al opgepikt via de blog van de toonaangevende filosoof Justin Weinberg.

De onderzoekers stuurden een enquête naar 10.896 filosofen. Zo’n 1.000 antwoorden volgden, een kleine 800 werden weerhouden. De onderzoekers geven zelf aan dat dat een kleine sample is. Het leeuwendeel afkomstig uit Europa (67 procent) en Noord-Amerika (22 procent). Zij moesten zichzelf situeren op het links-rechts spectrum, met zeven tussenposities. Dat moesten ze zowel voor sociale en ethische zaken doen als voor economische onderwerpen.

Maar liefst 75 procent onder hen noemde zich links. Het aandeel rechtse filosofen (14 procent) en gematigden (11 procent) ligt een stuk lager. “Opvallend is dat maar liefst een vijfde onder hen zich heel links noemt”, zegt De Block.

De resultaten verbazen niet. “Het ligt in lijn met wat we weten uit andere disciplines in de menswetenschappen”, zegt filosoof Maarten Boudry (UGent). Dit soort onderzoek werd het laatste decennium onder impuls van psycholoog Jonathan Haidt al meermaals uitgevoerd in andere disciplines zoals de psychologie, steeds met hetzelfde resultaat. “Zij kaarten al langer aan dat er een gebrek aan ideologische diversiteit is”, zegt onafhankelijk filosofe Tinneke Beeckman.

“Er heerst inderdaad een soort stilzwijgende consensus van ‘jij bent toch ook tegen N-VA of pro-migratie?’”, zegt Boudry. Continue Reading ›

‘Mannen zijn fantastisch’, column DS 11 jan 2016

Unknown 08.33.05“Veel mannen in deze samenleving zijn fantastisch. Ze krijgen het vaak hard te verduren en ontvangen weinig positieve aandacht. Heel wat mannen wensen nochtans dat de vrouwen die hen omringen gelukkig zijn en dat ze vrij hun levensweg kiezen. Die mannen blijken perfect in staat tot zelfkritiek, en zijn bereid om hun gedrag bij te sturen, mocht dat nodig zijn. Hiermee wil ik het veelvuldig geweld tegen vrouwen niet minimaliseren. Integendeel, het is juist cruciaal om het onderscheid tussen houdingen op scherp te stellen.

Uiteraard spelen cultuur en opvoeding een doorslaggevende rol. Welk ander doel hebben die, behalve gedragingen beïnvloeden? Een mens wordt mens door de opvoeding, wist Kant. De idee dat een man geweld of macht gebruikt tegenover vrouwen, doet veel mannen gruwelen. Ze willen in de spiegel geen bruut tegenkomen. Ze vrezen dus niet de repressie van de staat, maar hebben een veel betere motivatie: respect en menselijkheid. Met een repressieve rechtstaat alleen bouw je geen samenleving. De politie kan nooit overal zijn. Het gaat ook over zelfrespect. Mannen hebben dat des te meer wanneer ze weten dat ze hun fysieke superioriteit eerder zouden gebruiken om vrouwen te beschermen, dan om hen aan te vallen.

Die gedachte getuigt van een soort mannenemancipatie, waarover nauwelijks wordt gesproken. Vrouwenemancipatie hangt ermee samen. In beide gevallen gaat het er om dat iemand niet tot zijn biologische dispositie wordt herleid. Vrouwen zijn meer dan wezens die kinderen op de wereld kunnen zetten. En mannen zijn best in staat hun eigen fysieke overmacht te overstijgen, en verantwoordelijkheid te nemen voor hun gedrag.

UnknownIn La galanterie française beschrijft Claude Habib een belangrijk moment in de historische bewustwording van mannen. Bij het begin van de zeventiende eeuw aanvaarden ze dat vrouwen zich vrij op straat mogen bewegen en gesprekken mogen aanknopen met andere mannen dan hun echtgenoot. In zijn Perzische Brieven laat Montesquieu zijn twee Perzische reizigers verbaasd opmerken dat de vrouwen in Europa veel meer vrijheid genieten dan in hun thuisland, waar vrouwen opgesloten worden, omringd door eunuchen (gecastreerde slaven), en een leven leiden dat alleen ten dienste mag staan van hun meester. Continue Reading ›