Feest van de Democratie – over Europa – Interview

Voor het project ‘11 juli, feest van de democratie‘ werd ik gevraagd naar een commentaar op de democratie vandaag. Ik gaf mijn visie in enkele minuten film. Op de website kan je ook de visies van Nelly Maes, Brigitte Raskin en vele anderen bekijken.

Dit is mijn insteek: in het publieke debat Europa blijft teveel een blinde vlek blijft. Het gewicht van de beslissingsmacht van de EU wordt onderschat door nationale en regionale politici. Vooral journalisten en commentatoren moeten hun comfortzone verlaten, en eindelijk Europa meer in het debat betrekken. Het heeft geen zin commentaar te geven op een nationale voetbalcompetitie (zo klinkt de meeste commentaar voor mij), als je niet beseft dat de spelregels zijn veranderd.

 

 

 

‘Ontspoord’, column 29 juni 2015

Unknown 08.33.05“Hebben we de morele plicht om de Europese Unie te redden, zoals de Duitse filosoof Jürgen Habermas meent? Habermas, die voor een federaal Europa pleit, schreef een vlammende tekst waarin hij Merkel verantwoordelijk houdt voor de crisis. Maar zelfs al zeggen we volmondig ‘ja’ op de redding, dan is de vraag of we deze Unie wel kunnen redden.

‘A house divided against itself cannot stand’, merkte Lincoln op vlak voor de Amerikaanse burgeroorlog uitbrak. Nicholas Kaldor herhaalde die zin in een tekst uit 1971, waarin de Hongaarse econoom (Cambridge) uitlegde dat een Europese monetaire unie zonder politieke unie geen kans op slagen heeft.

Die kans op een democratische Unie is verkeken. Eurocommissaris Jean-Claude Juncker wil de huidige crisis aanpakken door nog meer soevereiniteit van staten naar Europa over te dragen. Dan hebben nationaal verkozen politici steeds minder te zeggen. Om dat voorstel te beoordelen, volstaat het om naar Junckers eigen woorden luisteren. Hij gaf namelijk al eens grif toe dat de Europese bevolking daar geen enkel belang bij heeft, toen hij over het Verdrag van Lissabon in 2007 tegen Gordon Brown zei: ‘Natuurlijk zal er overdracht zijn van soevereiniteit. Maar zou ik slim zijn om de aandacht van de bevolking hierop te vestigen?’ Dat werpt een ander licht op de huidige crisis: in naam van een muntunie, maakt een groepje niet-verkozen technocraten steeds meer de dienst uit. Niet alleen Griekenland, maar de hele eurozone draagt daar de gevolgen van.

Griekse schuld

Op het eerste gezicht spelen de Grieken de rol van de slechterik. Jarenlang heeft het land te veel geld uitgegeven, zijn boekhoudingen vervalst en de corruptie in eigen land niet aangepakt. Dus moet Europa nu straffen. Als je mensen niet verantwoordelijk stelt voor hun keuzes, zeggen strenge beoordelaars van de Griekse politiek, dan creëer je een moral hazard: dan beloon je wie vals speelt, en straf je de deugdzame, harde werkers. Dat klinkt aanvaardbaar. Juristen vinden dat een straf proportioneel moet zijn en relevant. Maar levert bestraffing ook iets op? Daar stelt zich al een probleem: economen wijzen erop dat de strenge besparingen niemand vooruithelpen: de Grieken niet en hun schuldeisers evenmin.

Maar los daarvan: zouden we die redenering niet moeten toepassen op al wie fouten heeft gemaakt? Anders gaan onbekwamen vrijuit, terwijl de integere mensen boeten. Is er dan geen moral hazard bij iemand als Juncker, die de eurogroep leidde in 2005? Bij die Europese instellingen die faalden in hun controle op Griekenland? Tenslotte wisten Europese politici al jaren dat Griekenland een niet te dempen put maakte. Maar blijkbaar hebben eurocraten zoals Juncker een vrijgeleide – niemand wijst op de fouten die zij maakten in de constructie van de eurozone. Juncker stelt zelfs met een uitgestreken gezicht voor om nog meer macht toe te kennen aan allerlei Europese raden en commissies.

Ondertussen bloedt de Griekse bevolking, zonder vooruitzicht op beterschap. Ook dat zou een waarschuwing moeten zijn voor de andere Europese landen: op veel redelijkheid of mededogen van schuldeisers hoeven ze niet te rekenen, en de toekomst is onvoorspelbaar.

Zelfs wie Europa wil redden, kan alleen vaststellen dat het Europese project totaal is ontspoord. De crisis drijft de Unie uit elkaar. En dat was niet de bedoeling: Mitterrand en Kohl wilden Europese landen dichter bij elkaar brengen, maar ze hadden niet de politieke macht om een federaal Europa te maken. Dus brachten ze Europese landen monetair samen. Ze rekenden erop dat een crisis hun opvolgers zou aanzetten om nauwer samen te werken. Nu vergroot elke crisis de breuklijnen tussen de Europese landen, ook de migratiecrisis, het buitenlands beleid of het sociaal beleid. De Griekse crisis is, kortom, slechts een symptoom van een veel dieper probleem.”

“Elke geslaagde solidaire beweging vertrekt vanuit positief gemeenschapsgevoel” De Morgen, 26 juni

Unknown-1“De sociaaldemocratie deed het niet goed bij de vorige verkiezingen. Ook in andere landen niet: in Frankrijk moest de PS van president Hollande het Front National van Marine Le Pen en het UMP laten voorgaan. Natuurlijk zijn vele verklaringen mogelijk. Maar ik zie één factor die linkse partijen onderschatten: het belang van collectieve identiteiten. Globalisering maakt van identiteit voor een groot deel van de bevolking juist wel een politiek thema. De welvarende, gelukkige ‘kosmopolieten’ zijn een minderheid. De sociaaldemocratie heeft dan ook een probleem, omdat ze het belang van identiteit nauwelijks erkent. Ze bekijkt elke identiteitsbeleving vanuit socio-economisch perspectief en heeft als remedie een aangepast sociaal beleid. Alleen voor minderheden is een openlijk identiteitsbeleving toegelaten, zo hekelt Marcel Gauchet de benepen sociaaldemocratische politiek. Maar dat is natuurlijk absurd: identiteit speelt voor iedereen op één of andere manier een rol.

Voor de linkse beleidsvoerder is een bepaalde jongere een kwetsbaar persoon: als hij laaggeschoold is, uit een kansarm milieu komt en gediscrimineerd wordt op de arbeidsmarkt. Sociaal-democraten willen dan een beleid voeren om die negatieve statistieken om te buigen. Terecht. Want wie sociaal-economisch in een betere groep zit, leidt een ander, beter leven. Maar deze stelling is onvolledig. Er is ook een andere vraag: hoe ziet die jongen zichzelf? Op de vraag ‘wie ben ik’, antwoordt hij niet ‘achtergestelde, sociaal zwakkere laaggeschoolde’. Ook die jongen heeft zijn trots. Ook hij wil tot een gemeenschap behoren, en zoekt een positieve beeld van zichzelf. Cultuur, gemeenschap, identiteit zijn cruciaal voor elk politiek project. Continue Reading ›

Vragen bij ‘schuld’-tekst

Maandag verscheen een column over schuld (‘slaven van Schuld’). Ik kreeg enkele kritische en boeiende reacties van lezers. Hier geef ik een eerste antwoord.

Volgende zaterdag geef ik een lezing over ‘Schuld. Naar een nieuwe morele code’, waarin dit thema ook aan bod komt. Zeker de filosofische component werk ik dan verder uit.

–   “Waarom is er een probleem – Griekenland heeft toch teveel geld geleend, en de burgers hebben hun politici verkozen?” Continue Reading ›

‘Slaven van schuld’ – Column DS 25 maart 2013

Deze column verscheen in De Standaard.

Europese burgers zijn schuldenaars geworden van een schuld, waarvan niemand nog weet of die kan worden ingelost. Die schuld heeft niet alleen financiële, maar ook ingrijpende politieke gevolgen. Wat doet al die schuld met de idee dat we vrije burgers zijn? Schuldenaars zijn niet vrij. Ze beslissen niet over hun eigen lot. Ze beschikken niet over hun eigen middelen.

Als burger van een land deel je in de staatsschuld. Je wordt ermee geboren en de schuld zal jou overleven. Wat dan nog, zou je denken? Maar de huidige schuldencrisis heeft toch twee andere dimensies: een morele en een politieke. Continue Reading ›

Europa via Griekenland naar de afgrond?

Onrust

Hoe meer je verneemt over Europa, hoe meer reden je hebt tot ongerustheid. Europese landen zakken steeds dieper weg in een recessie. De strenge besparingsmaatregelen van Merkozy verergeren de toestand. Het is onmogelijk – aldus economen als Stiglitz, Krugman – dat de zulke besparingen effectief tot de schuldaflossing van een land leidt. Integendeel, zo’n land moet steeds meer besparen, dan terug lenen, vervolgens meer besparen… tot failliet dreigt. Ik ben geen econome. Als filosofe interesseer ik me meer voor de politieke zijde van het verhaal. Stilaan hebben politici macht overgedragen aan het Europese niveau, bijvoorbeeld wat hun begroting betreft. Europese burgers, in noord en zuid, hebben steeds minder te zeggen over hun toekomst. Wat te doen? Continue Reading ›