‘In de schoenen van Imelda Marcos’, column DS 26 nov. 2020

“Al jaren volg ik politieke gebeurtenissen. Toch blijf ik na sommige verhalen nog verbijsterd achter. Na het bekijken van Lauren Greenfields indrukwekkende documentaire The kingmaker op Canvas, bijvoorbeeld, over Imelda Marcos, de nu 91-jarige weduwe van dictator Ferdinand Marcos. Ik begon te kijken vanuit een vreemd jeugdsentiment – ik herinner me de beelden van Imelda’s duizenden exquise schoenenparen. Die verzameling werd ontdekt, nadat het echtpaar in 1986 de Filipijnen hadden verlaten. Ik verwachtte een verhaal over een ijdele, spilzieke, voormalige schoonheidskoningin die het geluk had een ambitieuze man te huwen. Maar Imelda Marcos is veel meer dan dat. Ze is een ‘kingmaker’: zonder zelf kandidaat te zijn, bepaalt ze wie het hoogste ambt mag vervullen. Nu probeert ze haar weinig opmerkelijke zoon Bongbong Marcos in het zadel te helpen.

Lauren Greenfield, bekend van gelauwerde documentaires, zoals The queen of VersaillesGeneration wealth en de korte clip #likeagirl, bouwt haar verhaal zorgvuldig op. Het begint in 2014; vanuit haar wagen geeft Imelda geld aan straatkinderen. Ze jammert over voorbije glorie en haalt herinneringen op aan haar ‘droomhuwelijk’. De kijker verneemt dat ze een onbetrouwbare getui­ge is: toenmalige omstanders beschrijven de seriële ontrouw van haar man. De dictator stuurt zijn vrouw wel op buitenlandse missies; oude foto’s tonen­ een betoverend uitziende ‘first lady’, die danst met de Amerikaanse presidenten Richard Nixon, Gerald Ford en Ronald Reagan. Ze keuvelt met Saddam Hoessein, Moammar Kadhafi en Mao Zedong. Met zoet­gevooisde stem beweert ze niet te begrijpen waarom die mannen zo’n slechte reputatie hebben – zij heeft alleen charmante mannen ontmoet.

Dan kantelt het verhaal. De slachtoffers van Marcos’ dictatuur komen aan het woord, vooral onder de militaire ‘staat van beleg’ tussen 1972 en 1986. Tienduizenden mensen werden toen opgesloten en gefolterd, duizenden vermoord. In die periode roofde en plunderde de familie Marcos. Tegen 1986 had ze tien miljard dollar ontvreemd (in valuta van weleer) en naar het buiten­land gesluisd.

In haar luxueuze appartement vergoelijkt Imelda haar excessieve levensstijl als een vorm van moederlijke liefde. Daar komt ze herhaaldelijk op terug: ze was de moeder van de natie. Liefde kan niet gemeten worden en vrijheid is belangrijk, zegt ze. Daarom had ze bijvoorbeeld een safaripark met Afrikaanse dieren opgericht op een eiland in de Zuid-Chinese Zee. Dat de arme, loka­le bevolking moest opkrassen om de dieren niet te verstoren, was bijzaak.

Lauren Greenfield vraagt Imelda onverschrokken naar haar rol bij het politieke geweld. Heeft ze samen met generaal Fabian Ver de opdracht gegeven om oppositieleider Benigno Aquino in 1983 te vermoorden? Onverstoorbaar antwoordt de oude vrouw dat ze niets met lelijke dingen te maken heeft. Bewijzen zijn er niet. Maar de laffe moord ontketende zoveel verzet dat de familie Marcos­ moest vertrekken: in 1986 wordt Benigno’s weduwe, Cory Aquino, tot president verkozen.

Dat was min of meer bekend, maar Greenfield heeft een opmerkelijke onthulling in petto: de teruggekeerde familie Marcos heeft de campagne van dictator Rodrigo Duterte in 2016 gesteund. Dutertes populistische revolte biedt hele­maal geen alternatief voor corrupte elites. Zijn verkiezing vertoont overeenkomsten met die van Donald Trump in datzelfde jaar: een schijnbare buitenstaander verovert de natie. Deze ‘sterke’ man spreekt de taal van het volk en speelt in op het ongenoegen bij de bevolking, maar eigenlijk behoort hij tot de rijkere elite. Hij verspreidt fake news via sociale media en misbruikt zijn posi­tie om medestanders te benoemen in juridische instellingen. Duterte wil elke legitieme oppositie in de kiem smoren. In enkele jaren werden al meer dan 30.000 Filipino’s buitengerechtelijk geë­xecuteerd.

Onder Duterte kan de familie Marcos haar politieke opgang voortzetten. Met haar fortuin corrumpeert ze lokale politici en arme kiezers; via sociale media verspreidt ze fake news en belooft ze de Filipijnen opnieuw ‘groot’ te maken.

Imelda mag dan stokoud zijn, ze begrijpt heel goed in welke tijd ze leeft. ‘Perceptie is echt, de waarheid is dat niet’, stelt ze onbewogen. IJzingwekkend.’

Deze column verscheen in De Standaard op donderdag 26 november 2020.