“Zo kunnen we het politieke interview reanimeren”, DS 11 mei 2015

Unknown 08.33.05Het politieke interview is dood, klonk het vorige week op de radio. Klopt de diagnose? Als het zo is dan valt het interview nog wel te reanimeren. Om hetzelfde beeld te gebruiken, moeten we even nadenken over de verplegers, de patiënten en de medische instrumenten: over journalisten, over politici en opiniemakers, over experts en opiniepeilers.

hqdefaultHoe belangrijk dossierkennis voor journalisten is, blijkt uit het meest beklijvende politieke interview vlak voor de verkiezingen van 2014. Een Duitse journalist ondervroeg toenmalig eurocommissaris Karel De Gucht voor handel voor het Duitse programma ‘monitor’ (zender WDR). Het onderwerp was de controversiële vrijhandelsakkoorden tussen Europa en de Verenigde Staten.

Critici beweren dat het akkoord grote bedrijven bevoordeelt, terwijl het de Europese burgers benadeelt. De journalist kende zijn dossier zeer goed. Als hij vraagt welke voordelen de politicus verwacht van het akkoord, begint De Gucht een verhaal over economische groei. Meteen confronteert de journalist de eurocommissaris met een studie, gemaakt in opdracht van de Europese Commissie. De studie toont dat de gevolgen voor groei zeer gering zullen zijn. De Gucht hapt naar adem en vraagt een onderbreking. Na die pauze zwoegt en ploetert hij nog een kwartier om een goed nieuws show te brengen, terwijl de journalist hem beleefd gefundeerde vragen blijft stellen. Zo’n interview raakt aan een kernvraag van de hedendaagse Europese politiek: wie heeft de touwtjes in handen: verkiesbare politici die een mooi verhaal afsteken, briljante ambtenaren achter de schermen of vertegenwoordigers van lobbygroepen die niemand ooit te zien krijgt? De Duitser bewees dat het politieke interview mogelijk is, als journalisten maar vanuit een degelijke voorbereiding precieze vragen durven stellen.

Wat het politieke gesprek ook aardig ondermijnt, is de inflatie aan zware verwijten en beschuldigingen. Continue Reading ›

De les van ‘Zwarte Piet’ – over media en slavernij

Twee dingen onthou ik uit die hele hetse rond Zwarte Piet in Nederland.

Ten eerste is het ontstellend hoe snel media een gerucht oppikken zonder hun elementaire taak te doen: nagaan wat de feiten zijn. Blijkbaar, aldus VN-vertegenwoordiger Marc Jacobs, spreekt Verene Shepherd niet in naam van de VN, blijkbaar is de VN (Unesco) niet bezig met Zwarte Piet in Nederland. Gelukkig maar. Maar toch is de ware toedracht me nog altijd niet duidelijk (er is ook dit bericht). Ook de boodschap van de VN is onduidelijk: hun experten oordelen onafhankelijk en zonder verloning. Maar wie stelde een vraag aan de VN: ontevreden burgers in Nederland? Of was de vraag om op de erfgoedlijst vanwege officiële instanties  de aanleiding. De regering schijnt niets gevraagd te hebben. Dan wordt het delicate zaak: er is een wereld van verschil tussen een antwoord van experten nav een vraag van de Nederlandse regering om op de Unesco-lijst te staan enerzijds, en de idee dat de VN scheidsrechter moet spelen over culturele kwesties in elk land anderzijds. Volgens anderen zouden de experts deel uitmaken van een lobby-groep, die vooral elk verband tussen vroegere slavernij en elk (mogelijk) teken van hedendaags racisme vandaag in de media wil brengen. Het doel zou invloed op Europese politiek zijn (compensaties/toegevingen).

Dat brengt me bij het tweede punt: de herinnering van het verleden. Wat kan je nog doen voor een overledene? Het onrecht en de pijn die slaven in kolonies hebben ondergaan, kan je tegenover de betrokkenen niet meer goedmaken. Dat is de onmacht die de dood achterlaat bij de overlevenden. Toch kan je nog wel iets doen: de herinnering levendig houden, de feiten onderzoeken, je afvragen hoe zoiets mogelijk was als slavernij. Dat is zelfs je plicht tegenover het verleden. Maar het heden is zelden een exacte kopij van het verleden. Slavernij vandaag is niet meer dezelfde als toen. Continue Reading ›