‘Brief aan Tom Lenaerts over politiek’, De Morgen, 7 dec. 2018

“Beste Tom Lenaerts,

Je bent een uitstekende televisiemaker, en een intelligent man. Wat een pakkende interventie bij ‘Van Gils en Gasten’. Je vraagt geëngageerde politici die compromissen kunnen sluiten. Jouw vraag leek helemaal terecht. Vooral toen je je dochter vermeldde. Zij heeft examens, mét actualiteitsvragen, en die vallen door die vervelende politici niet meer te beantwoorden.

Maar politici kunnen jouw verzoek niet inwilligen. Compromissen zoeken is niet de essentie van het politieke spel. Misschien leek dat in België ooit zo. In de tijd van het pacificatiemodel sloot een zogezegd zorgzame elite akkoorden, en verdedigde die bij haar achterban. Liefst deed ze dat achter gesloten deuren, zonder heisa. Conflicten over lonen brachten toen politici, vakbonden en bedrijfsleiders samen. Bij politieke conflicten vergaderden politici onderling over staatshervormingen en Europese samenwerkingen. De buitenwereld vernam achteraf pas wat zij hadden beslist.

Die tijd is toch wat voorbij. Ten eerste loopt de nieuwe breuklijn niet meer tussen groepen in één land, maar tussen wie naar het buitenland kan verhuizen, en wie in één land blijft. Grote bedrijven zoeken geen compromissen meer, bijvoorbeeld. Neen, ze dreigen met vertrekken, en eisen aanpassingen. Wat burgers daarvan denken, kan hen gestolen worden. Dat verandert het politieke spel. Politici moeten hun burgers tevreden houden, terwijl ze minder instrumenten hebben. Dat is niet makkelijk, want die ontevreden burgers zetten druk. Nu durven regeringsleiders elkaar op internationale tops tegenspreken. Dat geldt ook voor het migratiepact. Eigenlijk had de EU daarover gezamenlijk een standpunt moeten innemen. Maar Europese landen zijn te verdeeld. Zelfs intern hebben regeringen minder gezag dan je zou denken. Kijk maar naar Frankrijk; de opstand dreigt. Daarom ontbreekt Europees leiderschap. In zo’n context zijn compromissen moeilijk.

Een andere reden is dat migratie sterke ideologische verschillen oproept. Groen denkt dat de samenleving baat heeft bij meer open grenzen, de N-Va wil de grenzen meer sluiten. Juist in de confrontatie spelen ze hun rol: het parlement is het strijdtoneel van botsende visies op het algemene belang. Verkiezingen beslissen welke partijen een meerderheid kunnen vormen. Tussen sommige partijen lukt dat gewoon niet, en dat is geen probleem.

Toch heb je ook gelijk: het circus was soms beschamend. Hier zijn de twee politici aan tafel niet helemaal eerlijk geweest. Ja, ze zijn geëngageerd. Maar ze maken wel erg veel drama over een pact waaraan ze in werkelijkheid niet veel te zeggen hadden, en waarover ze veel te laat debatteren. Kristof Calvo kan het pact ideologisch claimen, maar zijn partij heeft er weinig verdienste aan. Peter De Roover probeert te maskeren dat zelfs regeringsdeelname niet tot zeggenschap leidt. De druk ratelende politici proberen hun machteloosheid te verbergen. Dat is een reëel probleem.

De beslissingen waarover de grootste ideologische verschillen bestaan – migratie, klimaat, economie – zijn het meest urgent. En die moeten op een hoger niveau dan het nationale worden beslecht. Toch blijven lokale politici tegen elkaar roepen alsof hun stemverheffingen belangrijk zijn. Dat doen ze omdat de verkiezingen nog altijd nationaal of regionaal worden georganiseerd. Peter De Roover en Kristof Calvo moeten zoveel mogelijk zitjes bemachtigen in hetzelfde parlement, door stemmen te halen bij de Vlaamse bevolking (en een beetje in Brussel). Ze willen zich profileren; ze proberen de televisiekijkers tussen hen beiden te doen kiezen. Want ze winnen allebei wanneer alle andere politieke partijen irrelevant lijken.

Voor jouw dochter wordt het niet makkelijk, en ik heb het niet over examens. Het theater van de nationale politiek is te weinig op die grote uitdagingen afgestemd. Dat zal nog enige tijd spanningen, en heel wat circus opleveren. In alle verwarring is wel een ding duidelijk: op veel compromissen hoef je niet meer rekenen.”

“Over het migratiepact ea”, De Afspraak op Vrijdag, 23 nov. 2018


Op vrijdag 23 november schoof ik bij Ivan De Vadder aan tafel voor ‘De Afspraak op Vrijdag‘. Andere gasten waren Hendrik Vuye (V&W) en Bert Bultinck (hoofdredacteur Knack).

De thema’s waren het migratiepact van Marrakech, de gele hesjes in Frankrijk en uittredingsvergoedingen voor politici.

Over het migratiepact schreef ik deze DS-column: “Migratiepact kan ongewenste gevolgen hebben.” Wanneer kan je oordelen of politici moreel handelen? Daarvoor moet je verder kijken dan hun eigen argument dat ze populisme willen bestrijden, betoog ik.

 

“Migratiepact kan ongewenste gevolgen hebben”, DS, 22 nov. 2018

“Wil je een fatsoenlijk mens zijn en heb je een afkeer van extreemrechts? Dan kan je maar één ding doen, volgens politici zoals Kristof Calvo (Groen) of Alexander De Croo (Open Vld): het migratiepact in Marrakech goedkeuren. Je mag met populisten niets te maken hebben, zeggen ze. Dit is het argument: heb je kritiek op dit pact, dan doe je zoals Orban, en wordt je meteen even laakbaar als Orban. Maar dit is een foute redenering. Politieke beslissingen moreel inschatten is veel complexer.

Een politieke leider moet rekening houden met drie dingen: dat hij de verantwoordelijkheid draagt voor een hele groep, niet alleen voor hemzelf; dat de effecten van beslissingen tellen, en dat die effecten pas na verloop van tijd duidelijk worden.

Een negatieve reputatie aangemeten krijgen, is echt niet het ergste wat een politicus kan overkomen. Een zuivere ziel behouden is toch niet het doel van het politieke handelen. Meer nog, andere criteria wegen zwaarder. Want sommige dingen kunnen de schijn van het goede hebben, maar fataal zijn wanneer ze worden toegepast, en omgekeerd. Mooie woorden, goede voornemens en juiste associaties volstaan dus niet. De politiek heeft iets specifiek: wanneer goede intenties tot rampzalige resultaten leiden, ondervinden anderen daarvan de schadelijke gevolgen. Dat is moreel niet verantwoord. Daarom werken een politieke en een private moraal anders. Een burger kan zijn welwillendheid en zijn goede relaties als tekenen van zijn deugdzaamheid beschouwen. Maar in de politiek betalen anderen de prijs voor beslissingen die slecht uitdraaien.

Niet de intenties, maar de effecten van beslissingen bepalen dus of een beslissing moreel is of niet. Die effecten zijn moeilijk in te schatten, al rijzen er heel concrete vragen: hoe verandert zo’n pact de samenleving in de toekomst?

Hierop heeft niemand een onderbouwd antwoord. Continue Reading ›