“Een écht gesprek, waarom is dat toch zo moeilijk?”, in DM op 27 maart 2015

copyright: Arthur Eranosian. Tijdens de klas ‘How to have better conversations’.

Vandaag verscheen een kort stukje over hoe we betere gesprekken kunnen hebben in ‘De Morgen’, na een interview met journaliste Hanne Vlogaert.

Ze contacteerde me omdat ik als docente  de klas ‘How to have better conversations‘, geef bij ‘The School of Life’, Antwerpen. De volgende klassen geef ik op 1 april, en nogmaals op 22 april. En op 25 april geef ik de klas in het Engels (normaliter is het in het Nederlands).

Waarom is het toch zo moeilijk om een écht gesprek te hebben? Mijn antwoord vind je in het artikel. Hier geef ik slechts het begin van het artikel op de blog van de krant, de rest vind je op de site van De Morgen.

“Waar het veel mensen vandaag aan ontbreekt, is aan een goed gesprek”, zegt Tinneke Beeckman, filosofe en docente aan ‘The School of Life’. Veel verder dan wat oppervlakkig geklets of obligatoire smalltalk komen we vaak niet. Wanneer we er wel in slagen pietluttigheden achter te laten, biedt ons dat nochtans veel voordelen. “Een goed gesprek kan je wereld letterlijk openbreken.”
Hanne Vlogaert (EMAIL @HanneVlogaert)

Een écht en openhartig gesprek brengt mensen dichter bij elkaar. Jammer genoeg hebben de meesten onder ons met dat authentiek spreken de grootste moeite. Hoe komt dat toch? En vooral: wat kunnen we daar aan doen? Volgens filosofe Tinneke Beeckman is het in de eerste plaats een kwestie van bewustwording. “Pas wanneer mensen zich bewust zijn van de gesloten houding waarmee ze zelf een gesprek binnenstappen, kunnen ze hier ook iets aan veranderen.”

Unknown-11. Een écht gesprek, waarom is het zo moeilijk?
De reden dat mensen de kaap van écht en authentiek contact vaak niet halen, is volgens Beeckman drievoudig. “Een eerste probleem dat open communicatie in de weg staat, is onze neiging naar self-fashioning“, zegt ze. Wanneer we een ander iets over onszelf vertellen, willen we hem altijd een zo mooi mogelijk beeld voorhouden.” Het grootste probleem is dat we ons daarbij altijd richten op een bepaalde norm, en dat staat authenticiteit in de weg.

…”.

Jana Antonissen, een andere journaliste van De Morgen, woonde reeds een klas bij, en schreef er een artikel over, ‘Converseren kun je leren‘. Haar stuk geeft een goed beeld van hoe zo’n klas verloopt: de klassen aan The school of Life zijn interactief – ik spreek, maar de deelnemers komen ook aan het woord. Het is een heel vlotte, fijne formule, die maakt dat ik als ‘docente’ steeds verrast ben over de gesprekken, de ervaringen en de inzichten.

“Self-fashioning… over (sociale) media” Column DS 3 november 2014

32baef33713b3e898f0e704bf66d4081

Anthony Van Dyck, ‘Marie-Henrietta en de dwerg’.

“Technologie laat je vandaag meer dan ooit toe je eigen beeld te creëren: ‘self-fashioning’ is schering en inslag. Het begon al tijdens de Renaissance, toen rijke burgers en aristocraten portretten bestelden bij de beste schilders. Heren lieten zich afbeelden in statige kledij, edellieden liefst met een dolk of zwaard omgord. Vrouwen droegen verfijnde jurken, mooie juwelen. Sociale media van vandaag hebben dat fenomeen gegeneraliseerd: iedereen post vakantiefoto’s, gezellige feestjes, mooie aankopen. ‘Dit is wie ik ben’: ik ben leuk, open, sociaal, een beetje belezen, zeer breeddenkend en ik reis graag. Daarbij helpt een duidelijke identiteit, liefst zonder nuance en vooral zonder kwetsbaarheid. Geen beeld van droeve eenzaamheid na het geslaagde feestje.

Ook op televisie is ‘self-fashioning’ alom tegenwoordig. De jonge journaliste en de oude politicus, die ook rebels willen zijn, om populair te worden. Want wie over de samenleving praat, doet dat liefst ‘tegen de stroom in’. De televisiestudio ontvangt graag de grote ‘rebel’, die zich gemoedelijk nestelt aan de praattafel: ‘kijk, ik ben een vrolijke, fijne mens’. Het is een modern verschijnsel: zelfs wie het verzet wil incarneren, raakt amper voorbij de profilering van zijn ‘ik’, aldus de Franse filosoof Jean-Claude Michéa.

De individuele ‘self-fashioning’ is ook tot een politieke strategie verheven. Je leest in de krant ook hoe men de oppositiepartijen in het parlement aanraadt om een ‘framing’ te vinden voor hun boodschap. Ook al klopt die framing niet, dat geeft niet, zolang de bevolking het maar gelooft, klinkt het. Doe dus aan ‘self-fashioning’, doe alsof je idealen hebt. Maar werkt dat wel? Continue Reading ›