“Gezocht: mannelijke voorbeelden” – DS, 7 nov 2016

Unknown 08.33.05” Trumps electorale succes is het bewijs dat vernederingsretoriek in de politiek goed aanslaat. Opvallend genoeg hangt met die vernederingsretoriek ook een twijfelachtige visie op mannelijkheid samen. Die retoriek draagt geen constructief politiek project. Om die reden alleen al, heeft deze tijd een inspirerende kijk op mannelijkheid nodig, waarbij eer en (zelf)respect niet ten koste van anderen gaan.

Vernedering speelt bij Donald Trump op meerdere manieren. Vanaf het begin beledigde hij doelbewust gehandicapten, Mexicanen, moslims. Anderzijds blijkt volgens zijn biograaf Michael D’Antonio publieke vernedering Trumps ergste nachtmerrie te zijn: de celebrity/politicus kan geen enkele persoonlijke onvolkomenheid toegeven. Over wie faalt, spreekt hij met intense minachting. Zijn politieke project bestaat uit zelfverklaarde grootsheid: ‘I’m the greatest, I’ll make America great again’. Niet toevallig trekt hij kiezers aan die sociale statusverlies en achteruitgang vrezen.

Trump doet geen moeite om zijn minachting voor vrouwen te verbergen. Schaamteloos bespot hij hen om hun uiterlijk, miskent hij hun capaciteiten, en bedreigt hij hun lichamelijke integriteit. Trump gedraagt zich – met succes – als een agressieve bully, die watjes verafschuwt, en autoritaire leiders als Putin bewondert. Alsof mannelijkheid brute macht over anderen betekent.

Wanneer vernedering een politiek programma overheerst, is er geen constructieve uitweg mogelijk.

De filosoof Avishai Margalit definieert vernedering als ‘elk gedrag of elke voorwaarde die voor een persoon een reden vormt om zijn of haar zelfrespect gekwetst te zien’. Margalit stelt ook dat iemand zich vernederd kan voelen zonder dat de ander de intentie had om te kwetsen. Dat maakt de politieke gevolgen van vernederingsgevoelens enorm complex: soms verwacht de vernederde een schadeloosstelling die niemand kan inlossen.

Alleen al gegronde gevoelens van vernedering leiden tot politieke rampen. Europese landen hebben na de Tweede Wereldoorlog bewust een politiek project uitgewerkt om die negatieve dynamieken te beëindigen. Na de Eerste Wereldoorlog voelde Duitsland zich diep vernederd, en waren landen als Frankrijk wraakzuchtig. Het leidde alleen tot een volgende wereldoorlog. Na 1945 hadden Frankrijk en Duitsland hun lesje geleerd, en wilden ze positief samenwerken. In dezelfde periode trok de EU lessen uit het onrecht van het Europese kolonialisme: de strijd tegen racisme en discriminatie van minderheden werd diep verankerd met wetten, instellingen en rechtsorganen. De EU probeert – in de woorden van Margalit – een ‘decent society’ te zijn, waar niemand zich vernederd hoeft te voelen. Het heeft Europa een lange periode van welvaart en vrede opgeleverd. Continue Reading ›

‘Emoties en sentimentaliteit’ – column 7 september 2015, DS

Unknown 08.33.05“Verblind door de grote emoties van het moment, zien we niet meer welke diepere drijfveren en gevoelens de politiek tussen groepen bepalen. Dagenlang beheerste de foto van een aangespoeld kinderlijkje het nieuws. De foto was niet gewoon gruwelijk, maar onverdraaglijk. Ze gaf een verlammend gevoel van onmacht. Voor de ene was dat voldoende om de grenzen te openen, zonder enige reflectie over de gevolgen. Anderen bewezen dat beschaving maar een dun laagje is en gaven ongegeneerd onmenselijke commentaren. De spektakelmaatschappij draaide op volle toeren.

Ook journalisten schreven gretig emotionele stukken. Voorspelbaar, maar pijnlijk. Hebben professionele nieuwsgaarders zo’n foto nodig om de realiteit te zien? Een journalist begon zelfs over zijn eigen peuter. Hopelijk wordt die jongen niet zo’n huilebalk als zijn vader, maar iemand die na een legitieme emotionele reactie het hoofd koel houdt en zijn werk doet. Want wie verder kijkt, weet allang welke gruwel er in Libië, Mali, Syrië, Irak gaande is.

Onfray over BHL - 'Les cons, ça ose tout. C'est même à ça qu'on les reconnaît.'

Onfray over BHL – ‘Les cons, ça ose tout. C’est même à ça qu’on les reconnaît.’

De Franse filosoof Bernard Henri-Lévy illustreert perfect het hele mediacircus. Niet gehinderd door enige kennis van de gevolgen bejubelde hij de ‘Arabische Lente’ en spoorde hij toenmalig Franse president Sarkozy aan om de Libische dictator Khadaffi van de macht te verdrijven. Die ingreep heeft de Libische staatstructuur vernietigd. Wat overblijft is een opgedeeld land, een haard van jihadistisch terrorisme, van menshandel, wreedheden en fanatiek geweld. Gevraagd naar zijn reactie bij de foto van het dode, aangespoelde jongetje, zei Bernard Henri-Lévy dat hij hoopt dat het Westen nu een geweten krijgt… Gelukkig had de filosoof Michel Onfray de panache om Bernard Henri-Levy op zijn plaats te zetten: “idioten durven alles, het is zelfs daaraan dat je hen herkent”. Continue Reading ›