‘Van nobele leugenaar tot klokkenluider’, DS, 7 januari 2021

“Wikileaks-activist Julian Assange wordt niet uitgeleverd aan de Verenigde Staten om daar terecht te staan voor spionage; een Britse rechter acht het risico op zelfmoord te hoog. Wat dan nog?, lijken veel mensen te denken – de wereld heeft nu andere zorgen. En Assange is toch die vreemde man met dat witte haar, verdacht van verkrachting in een land dat om vrouwenrechten geeft, Zweden. Jarenlang leefde hij als banneling in de Londense ambassade van Ecuador tot de Britse politie hem in 2019 kwam arresteren. In de film ‘The Fifth Estate’ (2013), speelt de magistrale Benedict Cumberbatch hem als een paranoïede, onbetrouwbare intrigant, die getraumatiseerd is door zijn eenzame, nomadische jeugd in Australië. Natuurlijk deemstert de aandacht voor deze zonderling weg. 

Toch is zijn lot ontzettend belangrijk, om twee redenen. Hij mag een rare man zijn, daarom is hij nog niet schuldig. Momenteel wordt hij in een buitengewoon strenge gevangenis vastgehouden, in wrede, onmenselijke omstandigheden (zoals volstrekte isolatie). Zonder haast enig perspectief. Wat hem de VS te wachten staat, is geen eerlijk proces, maar een politieke afrekening. Ten tweede staat de persvrijheid op het spel: mogen activisten en journalisten nog bewijzen verzamelen en verspreiden over corrupte, liegende en misdadige overheden of bedrijven? 

Een van de belangrijkste hedendaagse vraagstukken is of het ideaal van individuele vrijheid wel overeind kan blijven in een technologisch aangestuurde wereld, die disproportioneel veel macht geeft aan overheden (vooral in vermogende landen) en grote bedrijven. Deze vraag gaat ver voorbij het geval Assange. Maar met zijn organisatie Wikileaks heeft hij wel zijn best gedaan om de vrijheid en de privacy van gewone burgers te verdedigen. 

Op het internet speelt zich een nieuwe wedloop af om data te bemachtigen. Die strijd verloopt tussen landen, maar ook tussen de aanspraken van overheden of bedrijven en de rechten van burgers. Technologie is een langs twee kanten snijdend zwaard: enerzijds schept ze enorme mogelijkheden, anderzijds valt ze makkelijk buiten elke democratische controle. Maar als je technologisch virtuoos bent, en je je inzet voor vrije toegang tot informatie, kan je de balans tussen kansen en bedreigingen herstellen. Dat is de gedachte achter Wikileaks. 

Assange hoort bij de eerste generatie hackers, die vanaf jonge leeftijd dagenlang op de computer tokkelen. Zoals het personage in de film ‘Wargames’ (1983) maakt hij er een sport van door te dringen in systemen van overheden of bedrijven. Hij gebruikte zijn technologische virtuositeit niet om zich persoonlijk te verrijken, maar om een ethisch-politiek project uit te werken: geheimen onthullen en zo de res publica verdedigen. Zijn pseudoniem was ‘mendax’: de nobele leugenaar. 

Intussen heeft Wikileaks wereldgebeurtenissen beïnvloed. Onthullingen over de verregaande corruptie in Arabische landen, waaronder Tunesië, hebben de aanzet gegeven tot de Arabische Lente. Ook Westerse klokkenluiders maakten gebruik van Wikileaks als doorgeefluik. Vaak kregen zij krijgen het steeds lastiger; niet de misdadigers die ze aanklagen.  

De waarheid, daar draait het om. Ook als die waarheid ongemakkelijk is voor de machtigen. De CIA had liever niet dat iedereen sinds 2015 weet dat het agentschap de gsm van Angela Merkel afluistert. Het Amerikaanse leger was niet opgezet met de Collateral Murder-video, die Wikileaks beschikbaar maakte: de video toont hoe VS-soldaten vanuit een helikopter 18 mensen neerschieten, waaronder onschuldige burgers en Reuters-journalisten. Vlak voor de presidentsverkiezingen in 2016 was het establishment bij de Amerikaanse Democraten evenmin blij met de publicatie van mails en berichten  waaruit bleek dat de Democratische Nationale Conventie (de partijraad van de Democraten) systematisch Hilary Clintons concurrent, Bernie Sanders, benadeelde. Hilary beweerde later dat Rusland achter de lekken zat. Verder heeft Wikileaks impact gehad op andere onderzoeksjournalistiek, zoals Luxleaks of de Panama papers. 

Eigenlijk valt Assanges werk moeilijk te onderscheiden van wat een onderzoeksjournalist doet: informatie die belangrijk is voor het algemeen belang vrijgeven. Dat oordeelde de Amerikaanse rechter dan ook na de klacht van de Democratische Nationale Conventie tegen Assange in 2019. Om dezelfde reden wilde de Amerikaanse administratie onder president Obama Assange evenmin vervolgen. Trump, daarentegen, hanteert een eigen logica: in zijn laatste weken als president laat hij een aantal bewezen landverraders en misdadigers vrijuit gaan, terwijl hij Assange wel wil opsluiten.  Hoe het verder moet, is onduidelijk. Voorlopig gaat de Trump-administratie in beroep tegen de beslissing van de Britse rechter. President-elect Joe Biden heeft Assange in het verleden een terrorist genoemd. Dat voorspelt niet veel goeds. Al zijn er geruchten dat zijn toekomstige administratie de eisen tot uitlevering zou laten vallen (The Guardian, 5/01/2021). Dat zou niet alleen voor Julian Assange bevrijdend zijn, ook voor journalisten overal ter wereld.”

Dit artikel verscheen in De Standaard op donderdag 7 januari 2021. Diezelfde dag verscheen een ander artikel over Assange in De Standaard: Julien Assange, de gevallen held, door Dominique Minten.

“De Vragen van Proust”, DM 8 okt. 2018

De krant De Morgen interviewde me voor ‘De Vragen van Proust’.

door Ann Joris en Fernand Van Damme

 

Hoe oud voelt u zich?

“Wel, een generatie ouder sinds ik mama geworden ben. Ik heb een dochter van negen maanden en dat maakt echt wel een verschil. (neemt laptop, toont foto van Alma) Bij Margarete Mitscherlich (ook wel de Grande Dame van de Duitse psychoanalyse genoemd, 1917-2012, red.) las ik dat vrouwen van over de veertig van veel afscheid moeten nemen: van hun schoonheid, van hun verleidelijkheid, van hun hechte band met de kinderen, van hun eigen ouders. In de tweede helft van je leven sijpelt er dus op allerlei manieren rouw in je bestaan binnen. Ik denk wel dat dat klopt, maar voorlopig heb ik er niet zo veel last van.

“Het wordt pas moeilijk, denk ik, wanneer je krampachtig vasthoudt aan het idee jong te moeten blijven. Als je dat loslaat en aanvaardt dat ouder worden gewoon bij het leven hoort ontdek je andere prioriteiten.”


Wat vindt u een belangrijke eigenschap van uzelf?

“Euhm. Dat ik helder en lucide probeer te kijken en te schrijven. Ik hou van waarachtigheid. Ik ben allergisch voor poses en inauthenticiteit. Ik probeer de dingen te zien zoals ze zijn en er ook niet van weg te kijken. Liever een echte droefheid dan een valse vrolijkheid. Daarom heb ik een voorkeur voor realistische filosofen, zoals Spinoza of Machiavelli, die er fel op hameren: je moet proberen het leven te zien zoals het is, de dingen te begrijpen vanuit hun oorzaken, jezelf geen rad voor de ogen te draaien. Ook niet over jezelf. Zelfkritiek is belangrijk. Die ego temperende werking van hun filosofie zint me wel. De mens denkt zo makkelijk dat hij het centrum is van de schepping. Hoe vaak meet hij zichzelf geen grotere rol toe dan hij eigenlijk speelt? In mijn eigen leven heb ik het als een bevrijding ervaren om die verbeelding los te laten. Je moet kunnen loskomen van de vraag of wat je doet in de smaak valt. Pas als je je niet meer aantrekt wat de anderen van je denken, kun je trouw blijven aan jezelf.”

Wat is uw passie?

“Wel, zo’n beetje wat ik net zei. (lacht) Of zoals André Comte-Sponville (Frans filosoof, °1952, red.) het ooit formuleerde: ‘vivre sa pensée et penser sa vie’. Je denken  beleven, en  je leven bedenken. Pas toen ik na tien jaar een punt zette achter mijn academische carrière en de filosofie als een roeping ben gaan beschouwen, besef ik wat mij inherent gelukkig maakt. Ik heb er lang mee geworsteld, maar heb uiteindelijk ingezien dat ik niet thuishoor in een competitieve omgeving, waarin sommigen alles op het spel zetten voor meer aanzien en prestige en zelfs recht tegen de filosofie ingaan waar ze zich mee bezighouden. Op het einde had ik de indruk dat ik naar een circus keek.

“Of een roeping niet nogal zwaar op de hand klinkt? Tja, maar er staat iets op het spel voor mij, filosofie is niet vrijblijvend.”

Is het leven voor u een cadeau?

“Eigenlijk wel. ‘Vivre sa pensée et penser sa vie’ gaat over hóé je kan leven en niet óf je moet leven. Existentiële angst heb ik niet, maar ik denk niet dat dat mijn verdienste is, je moet ook wat geluk hebben met wat je allemaal hebt meegemaakt. Ik ben dus geen nostalgisch, melancholisch of depressief iemand, dat is al een groot geschenk op zich. Denk nu niet dat mijn leven één langgerekte vrolijkheid is, maar fundamenteel existentiële twijfels heb ik niet. Tot Kierkegaard, Sartre of Camus ben ik dan ook niet aangetrokken. Ik apprecieer die filosofen wel, maar ze hebben het over ervaringen die ver van mij afstaan.

“Leven betekent voor mij al de kracht en alle mogelijkheden die je in jou hebt proberen te verwezenlijken. In het volle besef van je eigen beperkingen en belemmeringen. Dus niet: ik kan alles wat ik maar wil, maar wel proberen te zijn wie je kan zijn.”

Welke kleine, alledaagse gebeurtenis kan u blij maken?

“Wel het eerste wat me ‘s ochtends blij maakt is Alma’s lachend gezichtje als ze wakker wordt. En met Alma gaan wandelen in het park vind ik altijd heel bijzonder. De schoonheid van een boom kan iets heel intens hebben. Het enige wat dan bestaat is dat moment. Dat vind ik heel ontspannend.”

Wat is uw zwakte?

“Ik ben nogal moeilijk om te leren kennen, waardoor ik ook wel kansen mis om anderen te leren kennen. En ik ben niet erg vergevingsgezind. Als mensen me kwetsen of ontgoochelen houden ze voor mij op te bestaan. Wraakzuchtig ben ik niet, maar ik voel wel dat er een afstand ontstaat die ik niet makkelijk kan overbruggen. Ik probeer daaraan te werken, want ik vind vergevingsgezindheid belangrijk, maar ervaar toch dat het moeilijk is om daar verandering in te brengen.”

Waar hebt u spijt van?

“Niet van veel. Spinoza zegt: berouw is een dubbele droefheid. Het betekent één: dat je je in het verleden vergist hebt, dat je iets gedaan hebt wat eigenlijk pijnlijk of verkeerd was, en twee: dat je er nog altijd ongelukkig om bent. Volgens hem ligt dat aan een gebrek aan zelfinzicht, omdat je je verbeeldt dat je iemand anders had kúnnen zijn dan de persoon die je was. Als je inziet dat je, gezien wie je toen was en wat je toen wist, niet anders kon dan doen wat je toen gedaan hebt, kun je dat idee van spijt loslaten. Eenvoudigweg omdat je toen omringd was door bepaalde mensen, of omdat er bepaalde beperkingen of omstandigheden waren, of gewoon omdat je de dingen toen nog niet helder zag. Dat is dan maar zo. Punt. In dat opzicht is spijt niet iets waar ik veel aandacht aan besteed.”

Wat is uw grootste angst?

“Privé: dat mijn dochter mij nodig zou hebben en dat ik er niet zou zijn.

“Maatschappelijk: dat mensen het contact met hun eigen menselijkheid verliezen. (zucht even) Wat ik beangstigend vind, is de nonchalante manier waarop mensen omgaan met de hele culturele erfenis. Terwijl ik Machiavelli las voor mijn nieuwe boek, bedacht ik: zonder kennis van het verleden is de toekomst alleen eenzaamheid. Ik denk dat vandaag velen zich eenzaam voelen omdat ze zich niet meer met de vorige generaties en met hun eigen cultuur verbonden voelen. Dat heeft te maken met het consumentisme – alles moet altijd leuk, snel en niet te moeilijk zijn -, met het winstbejag – alles moet renderen – en met de diversiteitsobsessie. Onlangs nog suggereerde Caroline Pauwels van de VUB de Verlichting los te zien van het westerse verleden, omdat niet iedereen zich daar goed bij voelt. Eigenlijk is dat een soort onterving, want je kunt de Verlichting niet begrijpen zonder de geschiedenis te kennen. Dan rest alleen nog een vaag concept dat niets meer betekent.

“Schoon schip willen maken is typerend voor deze tijdgeest. Continue Reading ›