“Terreur vraagt inzet tegen verdeeldheid”, een jaar na 22/03, De Tijd, 18 maart 2017

Een jaar na de aanslagen herdenken Brussel en Zaventem de terreuraanslagen van 22 maart. Elke herdenking is een evenement, een rituele verbinding van alle burgers rond een gedeelde herinnering, in dit geval aan een gruwelijke gebeurtenis. Dat helpt om de wonden te helen, elkaar te steunen en de toekomst verenigd tegemoet te zien. Deze solidariteit wordt versterkt door moedige getuigenissen en inspirerende oproepen.

Zo bereikte het videobericht, ‘Jihad van liefde’ van Mohamed El Bachiri, al miljoenen mensen. Na de dood van zijn echtgenote Loubna bracht El Bachiri een ontroerend pleidooi voor medemenselijkheid. Hij liet zijn hoopvolle boodschap ook optekenen door David van Reybrouck in een pas verschenen boekje, opdat alle mensen, in het bijzonder jongeren, zijn boodschap zouden meepikken. Dit verhaal is enorm bemoedigend: wanneer verbondenheid, openheid en vastberadenheid de angst overwinnen, dan hebben terroristen hun strijd al deels verloren, ondanks de pijn, de wanhoop en het verdriet van de slachtoffers.

Schaamte 

Deze herdenking brengt echter ook een diep gevoel van schaamte over de jarenlange loochening van fundamentele samenlevingsproblemen. Enkele dagen na de aanslag beschreef Béatrice Delvaux deze schaamte in een aangrijpende brief aan haar kind. Daarin verontschuldigde ze zich voor haar jarenlange blindheid. Ze had geloofd in een wereld met onbeperkte mogelijkheden, waarin haat en geweld tot het verleden behoorden. Ze dacht dat de langzaam voortschrijdende strijd voor vrijheid en gelijkheid definitief voorbij was. Nooit meer oorlog en geweld: het leek jarenlang niet alleen een slogan of een ideaal, maar een feit.

De aanslag leek een ommekeer teweeg te brengen. Maar het open debat over de situatie in Brussel ligt moeilijker. De Molenbeekse schepen voor Groen, Annalisa Gadaleta, kwam eind november 2016 hevig onder vuur te liggen voor haar kritische boek, Entretien à Molenbeek, la dérive fondamentaliste du quartier le plus redouté d’Europe. Nochtans zouden alle partijen ondertussen de problemen moeten erkennen.

Breder bekeken, werd België die dag bikkelhard geconfronteerd met een negatieve zijde van globalisering: veiligheid is een internationale kwestie geworden. Het acute gevoel van dreiging is voorlopig wel verdwenen. Maar wat met de terugkerende Syriëstrijders, die wrede oorlogservaringen hebben opgedaan? Wat met de haters van het westen die niet meer vertrekken? Nu IS het militair moeilijk heeft, dreigt de strijd zich meer naar Europa te verplaatsen.

De aanslagen markeren dus een blijvende verandering: het is twijfelachtig of de wereld van voor 22 maart nog terugkeert. Dat vraagt een grondige reflectie over de gepaste levenshouding.

Terreur confronteert de samenleving met een ongemakkelijk gegeven: het onverwachte. Mensen controleren niet alles wat er gebeurt, en soms veroorzaken mensen zelf die onvoorziene omstandigheden. Dat lijkt niet meer van deze tijd: de moderne samenleving is er in geslaagd om risico’s zoveel mogelijk te beperken en om voorspelbaarheid te vergroten.

Daadkrachtig

Ten tweede vraagt terreur een grote inzet tegen verdeeldheid.  Maar verbinden betekent niet zwijgen, wegkijken of kritiekloos aanvaarden, integendeel. Samenhorigheid vereist heldere keuzes en daadkracht. Daadkracht betekent kordaat en eenduidig optreden wanneer het nodig is. Het is het omgekeerde van een conflict-vermijdende houding. Helaas was dit jarenlang de regel: het was ‘cool’ om zich op geen elke grote overtuiging te laten neerpinnen, om steevast ironisch en luchtig uit de hoek te komen, om zelfs van de meest groteske visie nog het lichtpunt te zien. Met die houding komt niemand vandaag nog verder. Teveel groepen, partijen en zelfs leiders sturen aan op conflicten. Luister bijvoorbeeld naar Erdogans recente veroordelingen aan het adres van Nederland. Terwijl hij in eigen land de democratie afschaft en Turkse genocide op Armeniërs in 1915 ontkent, beschuldigt Erdogan Nederland volslagen onterecht van massamoorden in Bosnië. Erdogans retoriek is niets minder dan een nieuwe manier van politieke oorlogsvoering, en de inzet is hoog: door zijn luide aanvallen op een Westerse democratie probeert Erdogan zijn eigen autoritaire regime te legitimeren.  

Vanuit Rusland doet Poetin regelmatig hetzelfde. Dan volstaan sussende woorden niet; daadkrachtig reageren wordt noodzakelijk. Dat brengt mensen ook samen, zoals bleek toen Nederlandse premier Rutte zich niet door Erdogans strategie liet intimideren. Zelfs Europa kwam sterker verenigd uit de controverse.

Ten derde is het belangrijk om angst om te zetten in alertheid. Angst op zich veroordelen, heeft geen zin. Mensen hebben het volste recht om angst te voelen in een wereld die zo snel verandert. Maar angst verlamt. Het is tegelijkertijd een machtig wapen, in handen van terroristen, maar ook in handen van de overheid. Angst op zich helpt dus niemand vooruit; alertheid daarentegen kan veel onheil voorkomen.

Herdenkingen proberen de herinneringen aan de traumatische gebeurtenissen een plaats te geven. Deze opdracht tot herinneren, verplicht ook tot reflectie over een verbindende, daadkrachtige en alerte houding in de toekomst.”

Deze tekst verscheen in De Tijd, op zaterdag 18 maart 2017.

“Een reactionair is geen conservatief”, column DS, 16 maart 2017

” Identiteit en integratie zijn de thema’s van de Nederlandse verkiezingen. Dat is onwennig voor alle partijen, behalve voor de PVV van Wilders, en voor DENK, de partij opgericht door ex-PVDA-leden Kuzu en Öztürk. Met deze laatste partij komen ook ronduit reactionaire stemmen naar boven. De spanningen tussen Nederland en Turkije verduidelijken dit radicale project.
Het programma van DENK leek helder: de strijd tegen racisme en discriminatie. DENK-boegbeeld Sylvana Simons verliet de partij echter omdat de leiders volgens haar “homorechten en vrouwenrechten niet serieus namen” en “zich teveel op conservatieve kiezers richten”.

Dit is een veel voorkomend misverstand: een partij als DENK bedient niet alleen een conservatieve achterban, maar is zelf een reactionaire beweging.

Reactionair betekent dat de partij de verwezenlijkingen van de moderniteit ongedaan wil maken: de scheiding tussen kerk en staat, individuele rechten voor mannen én vrouwen, vrijheid van mening en (on)geloof, vrije pers en een wetenschappelijk geïnspireerd waarheidsstreven. DENK is de enige partij die Erdogans houding tegenover Nederland de afgelopen dagen steunde. Erdogan heeft de democratie vroeger met een tram vergeleken: “Je rijdt ermee tot je je bestemming bereikt, dan stap je er uit.” In eigen land illustreert Erdogan wat dit betekent.
Wat de politieke strijd betreft, durft DENK van de democratische methode af te wijken. De partij verspreidt ‘fake news’ en uit de lucht gegrepen samenzweringstheorieën. Ze valt de reguliere media frontaal aan. Ze is sterk autoritair, en voert erg agressief campagne. Zo klaagt de ‘Raad van Marokkaanse Moskeeën Nederland’ over intimidatie van moskeegangers, alsof elk individu niet zelf mag beslissen voor wie hij stemt.

Vergelijk dit met de houding van de conservatief: die staat sceptisch tegenover de maakbaarheid van mens en samenleving. Heilzame veranderingen gebeuren liefst in kleine stapjes en vanuit wat in het verleden werd opgebouwd. De ware conservatief is een bescheiden wereldverbeteraar. ‘Als we de wereld niet opnieuw ongelukkig willen maken, moeten we onze dromen over het gelukkig maken van de wereld opgeven’, noteerde Karl Popper. Een conservatief knikt instemmend. Hij kan zich ook vinden in de woorden van Lord Palmerston die ooit boos mompelde: ‘Hervormen, hervormen. Is het al niet erg genoeg?’. Voor de conservatief beschermt de rechtsstaat de individuele rechten, terwijl het politieke of sociale project alleen vanuit een zin voor de gemeenschap kan ontstaan. DENK wil daarentegen een radicale omwenteling van de Nederlandse samenleving.

Progressief is DENK ook niet. De partij klinkt alleen progressief in haar aandacht voor racisme, discriminatie en vrijheid. Alleen dient die vrijheid om paternalisme opnieuw in te voeren. Het antwoord op racisme en discriminatie is al evenmin progressief. DENK pleit niet voor een universalistische, verbindende boodschap, waarbij mensen elkaar ongeacht hun etnische, religieuze of andere verschillen respecteren en waarderen. Dan overstijgen mensen hun verschillen juist om als gelijken samen te leven. Neen, DENK maakt van verschil de maatstaf. Iemands etnische achtergrond bepaalt zijn stemgedrag, ongeacht de uiteenlopende politieke ideeën over vrijheid of gelijkheid die iemand kan hebben. De kloof die DENK introduceert, valt nooit te overbruggen. Zo’n beweging kan alleen polariserend werken. DENK vertegenwoordigt ook geen regenboog van minderheden. Veruit de meeste aanhangers zijn van Turkse komaf, en heel wat Marokkaanse Nederlanders zeggen op DENK te stemmen. Maar Antilliaanse of Surinaamse kiezers zouden zich volgens opinieonderzoek van Kantar Public niet aangesproken voelen.

De stichtende leden van DENK komen uit de PVDA. Die vaststelling is reden genoeg voor progressieve partijen om grondig na te denken over de verborgen breuklijnen, die zelfs door hun eigen partijen dreigen te lopen: naast de keuze tussen progressief of conservatief maakt de reactionaire visie nu opgang. Het laaiende conflict begin deze week tussen Nederland en Turkije toont dat dit reactionaire gedachtengoed geen marginaal fenomeen is, ongeacht wat de verkiezingsuitslag teweegbrengt.”

Deze column verscheen op 16 maart in De Standaard.

‘Ook herdenken vraagt om accurate, historische analyse’, NRC, 4 mei 2016

UnknownOp 4 mei gaf ik de lezing voor Studium Generale Utrecht naar aanleiding van de ‘Dodenherdenking’ in Utrecht. Ik was onder de indruk van de serene, intense ceremonie op het Domplein om 20.00 uur.

Een korte versie van mijn lezing ‘Weerbare Waarheid’ verscheen die dag in het NRC Handelsblad.

“Jarenlang diende de Tweede Wereldoorlog als referentiepunt voor oorlog en geweld. Maar houden we die periode wel op de juiste manier in herinnering? Ik vrees dat we noodzakelijke lessen overgeslagen hebben. Een vergetelheid die bij de recente aanslagen in Parijs en Brussel aan het licht kwam. Alsook bij de onverschillige houding van Europeanen tegenover militaire invallen van hun regeringen.

Geweld, terreur en oorlog lijken tot een andere wereld te behoren. Eén waarmee we geen voeling hebben. Dat komt ons duur te staan. Tony Judt analyseerde dit gebrek al in What have we learned, if anything. Een tekst waarin hij de Westerse drang naar oorlog in Irak bekritiseert. De val van de Berlijnse muur noemt hij als kantelpunt. Toen verkondigden denkers het einde van de geschiedenis. Oorzaken en betekenissen uit het verleden werden vergeten.

Ik bespeur drie reacties die een analytische, nauwkeurige kijk op het verleden verhinderen: een emotioneel beladen nadruk op leed, een zelfcensuur die volgt uit de idee van collectieve schuld, en een ongeduldige blik op de toekomst in een zeer snel veranderende wereld.

Moral Memory Palace

Vandaag de dag wordt het verleden vaak herinnerd als een bron van lijden, als een ‘moral memory palace’, zoals Judt zegt. ‘In plaats van onze kinderen geschiedenis te leren, wandelen we met ze langs gedenkplaatsen. Erger, we moedigen hen aan om het verleden, en de lessen daaruit, vanuit het lijden van hun voorouders te zien. De gemeenschappelijke interpretatie van het verleden ontwikkelde zich tot een veelheid aan gescheiden verledens: Joods, Pools, Servisch, Armeens, Duits… Stuk voor stuk gemarkeerd met het eigen, aparte en assertieve slachtofferschap.’ Continue Reading ›

‘Het spel, niet de polis’, DS, column 21 maart 2016

Unknown 08.33.05“Vrijdagnamiddag. Terwijl het in de media gaat over de arrestatie van Salah Abdeslam in Molenbeek, lees ik Femke Halsema’s ‘Pluche. Politieke memoires’, waarin de Nederlandse, Groenlinkse politica haar twaalfjaar durende politieke carrière beschrijft.

Halsema is ontwapenend eerlijk, maar het boek stemt niet optimistisch over de politiek. Want ze beschrijft, soms ongewild, hoe toppolitici opgesloten zitten in hun eigen logica, weinig contact hebben met de samenleving en geobsedeerd zijn met hun imago. Aan dat laatste alleen al hebben ze een dagtaak. Ze denken aan peilingen, verkiezingen, de perceptie van hun macht. Hun leefwereld is competitief en zonder mededogen.

UnknownHet is tekenend hoe vaak Halsema woorden als ‘vernederd’, ‘onbegrepen’ en ‘boos’ gebruikt. Parlementaire debatten draaien, tot haar ontzetting, op weinig of niets uit. Pijnlijke passages over de regeringsvormingen onthullen hoe linkse partijleiders elkaar het licht in de ogen niet gunnen, waardoor een doordacht links programma dan ook niet gerealiseerd geraakt. Toppolitici zijn bezig met het politiek spel, en amper met de ‘polis’, met de gemeenschap en de bevolking.

Halsema ontsnapt zelf niet aan haar eigen lucide analyse van het politieke. Een coherente visie op Nederland staat niet in ‘Pluche’. Halsema gaat zelfs voorbij aan de wijzingen van het politieke spel: globalisering en de evolutie van de Europese Unie hebben de macht van nationale politici drastisch ingeperkt. Dat is geen detail, maar de hoofdzaak van de politiek vandaag. En die politieke veranderingen zijn bepalend voor de periode waarin Halsema carrière maakt.

Enkele spectaculaire gebeurtenissen komen wel aan bod. De aanslag op de Twin Towers verandert de Nederlandse politiek dramatisch. In 2001 was Groenlinks met Paul Rosenmöller aardig op weg om deel te nemen aan de volgende regering. Maar de aanslag in New York plaatst de religieuze identiteit op de voorgrond. Groenlinks was totaal niet voorbereid op de ideeënstrijd die dan volgt. Pim Fortuyn maakte pijlsnel opgang, tot hij in mei 2002, voor de verkiezingen, werd vermoord. Rosenmöller stapte nadien op omdat hij al te zeer met de felle strijd tegen Fortuyn werd geassocieerd. Halsema werd plots fractievoorzitter. Continue Reading ›

Recensie van ‘Macht en Onmacht’ in ‘Trouw’, 21 oktober

UnknownDeze recensie verscheen in Trouw op 21 oktober 2015

“Achter nietszeggende titel gaat urgente analyse schuil van Charlie Hebdo-debat”

door SEBASTIEN VALKENBERG, in Trouw
boekrecensie Filosofie

image005Tinneke Beeckman: Macht en onmacht De Bezige Bij, Amsterdam. 248 blz,
19,90

De schrijfster
Een doctoraat in de moraalwetenschappen, meerdere postdoctorale
studiebeurzen, summer schools aan de London School of Economics. Het
lijkt vanzelfsprekend dat zo’n traject leidt tot een deftige positie
aan een universiteit. Zo niet voor filosofe Tinneke Beeckman. Zij
werkt freelance en dat is te merken. Bij haar geen filosofie voor een
handvol vakgenoten, maar urgente analyses die ons allemaal aangaan.
Dat geldt voor haar nieuwste boek meer dan ooit. Dit heet ‘Macht en
onmacht’ en heeft ‘Charlie Hebdo’ als aanleiding.
Haar ambitie

‘Ik neem de debatten na de moordpartij […] als aanknopingspunt voor
een filosofische reflectie over deze tijd’, aldus Beeckman in haar
inleiding. De Amerikanen hebben 9/11, Europeanen 7/1 – de datum
waarop een groot deel van de Charlie Hebdo-redactie werd uitgemoord.
De discussie die vervolgens losbarstte zegt veel over onze
maatschappij. Hoe komt het dat journalisten niet over islamisme
kunnen schrijven? Vanwaar de populariteit van complottheorieen om de
aanslag te verklaren? Waarom is kritiek leveren zo ingewikkeld
geworden? Het zijn filosofische vraagstukken van formaat en Beeckman
komt met originele antwoorden.
Het resultaat
Een prikkelende ideeëngeschiedenis die de balans opmaakt van veertig
jaar postmodernisme. Ook andere denkers komen aan bod
(Nietszche, Heidegger), maar dan vooral als voorloper van deze
filosofische stroming. Een illusie om te denken datje ware uitspraken
kunt doen, is ons ingeprent, uitspraken zijn niet meer dan de
uitdrukking van iemands maatschappelijke positie. Deze denktrant
wreekt zich op verschillende manieren, onder meer door een overmatige
aandacht voor economische verhoudingen. Waarom pleegden de broers
Kouachi hun daad? Zelf beriepen ze zich op de islam. Alleen kunnen
wij ons nog nauwelijks voorstellen dat ze handelden uit religieuze
motieven. Godsdienst heet immers een Groot Verhaal en hiervan had het
postmodernisme juist het einde afgekondigd. Blijft over het
sociaaleconomische motief als verklaringsmodel. Er moet sprake zijn
geweest van achterstelling (hoewel Beeckman laat zien dat jihadisten
juist vaak tot de middenklasse behoren).

De mooiste zin

“De aanslagen op Chalie Hebdo zijn politieke moorden, maar de
slachtoffers zijn geen staatsmannen.” Een mooie paradox formuleert
Beeckman hier. Politieke moorden zijn zo oud als de politiek zelf en
ter illustratie noemt ze Julius Caesar, Abraham Lincoln, John F.
Kennedy. Hoewel geen politici, horen de journalisten en cartoonisten
dus ook in dit rijtje thuis. De aanslagen zijn meer dan een uiting
van boosheid of een manier om de profeet te wreken. Ze hadden als
doel ‘om de toekomst van een samenleving te veranderen’, in een oord
waarin de vrije mening ondergeschikt is aan andermans gevoeligheden.
Reden om het boek niet te lezen
Die is er eigenlijk niet. Maar de kans is aanwezig dat mensen het
niet lezen. Dat komt door de titel. ‘Macht en onmacht’. Echt een
lekker lokkertje is dit niet. Daarvoor is de titelkeus te generiek.
Zo had een kloeke sociologische verhandeling uit de jaren zeventig
ook kunnen heten. De auteur had zichzelf een plezier gedaan met een
pakkender titel, die vermoedelijk meer lezers had getrokken. Maar een
kniesoor die hierop let.
Reden om het wel te lezen
Nog even en de aanslagen zijn alweer een jaar geleden. Maar dat wil
niet zeggen dat het boek van Beeckman reageert op gebeurtenissen van
gisteren. Een paar weken terug werden we geconfronteerd met
kindbruiden. Hoe treed je dit fenomeen tegemoet? Met een postmoderne
weigering om over andermans cultuur te oordelen, zoals op de
Vara-blog Joop.nl gebeurde (‘Natuurlijk worden (die meisjes, SV)
weieens slecht behandeld en seksueel vernederd, maar dat kan elke
vrouw overkomen’)? Of met een krachtige afwijzing, omdat
kindhuwelijken in strijd zijn met zo ongeveer alle wetten en
verdragen die we getekend hebben? De thema’s die Beeckman aansnijdt,
zijn blijvend actueel – en eigenlijk winnen ze alleen maar aan
urgentie door de migratiestromen die het laatste halfjaar pas echt op
gang is gekomen.”

‘Brainwash-festival’ in Amsterdam op zaterdag 24 oktober

images-1In oktober vindt het ‘Brainwash’-festival plaats in Amsterdam – een hele namiddag kunnen bezoekers lezingen bijwonen, tentoonstellingen of speciale evenementen. Meer dan 2000 mensen schreven reeds in – er zijn nog enkele honderden plaatsen. Bezoekers kunnen op meerdere locaties terecht.

“Op Brainwash Festival worden bezoekers aan het denken gezet over de belangrijkste maatschappelijke en persoonlijke vragen van dit moment. Na een uitverkochte eerste editie keren we in oktober terug. Brainwash geeft geen hapklare antwoorden, maar verheldert je vragen, stelt je vooroordelen op de proef en biedt je verrijkende ideeën voor het alledaagse leven.

Brainwash wordt geproduceerd door The School of Life en is een samenwerking met omroep Human.

Opening van het festival

De opening van Brainwash vindt plaats in de grote zaal van De Nationale Opera met drie geweldige sprekers: Michael Sandel, Joris Luyendijk en Tim Fransen. Michael Sandel wordt ook wel de Socrates van deze tijd genoemd. Als geen ander weet hij je gedachtes te ordenen en laat hij je zien waar de vragen, vermoedens en intuïties die je hebt nu echt op gebaseerd zijn. Hij brak internationaal door nadat zijn Harvard colleges over rechtvaardigheid miljoenen keren werden bekeken op youtube. Hij gaat in gesprek met Joris Luyendijk en met het publiek over de grenzen van de markt, het systeem en het faillissement van de moderne tijd. Maar vooral ook over hoe we nu verder moeten. De filosofische cabaretier Tim Fransen geeft een inleiding.

Voor de liefhebbers van filosofie, die ook een persoonlijke vraag hebben, is er een ‘face to face’-event: je kan een filosoof ontmoeten, en maximum twintig minuten lang een persoonlijk gesprek voeren. Heb je zin om iets te schrijven, maar weet je niet hoe het aan te pakken? Heb je een vraag over een filosofie-opleiding? Of wil je een filosofische vraag zelf bespreken? Je kan je inschrijven voor een kort gesprek.

imagesIn de namiddag, vanaf 14.00 uur, doe ik hieraan mee (in een beurtrol, zie het programma), samen met bijna dertig andere filosofen. Continue Reading ›

‘Vlaams-Nederlands ForumVoorFilosofie’ – samen met Hans Achterhuis

Samen met de Nederlandse filosoof Hans Achterhuis ben ik ‘jaarvoorzitter’ van het Vlaams-Nederlands Forum voor Filosofie geworden.

Eerste vergadering van het Forum… Van links naar rechts: Eddy Strauven (Het zoekend hert), Erno Eskens (ISVW), Laurens Knoop (Brandstof), Agnès Van Emelen (notuliste), Frank Stappaerts (onderwijsinspecteur), Patrick Loobuyck (hoogleraar), Hans Achterhuis (hoogleraar), Tinneke Beeckman (filosoof), Anne Provoost (auteur), Inge Duytschaever (filosofisch consulent), Florentijn van Rootselaar (Filosofie Magazine), Stefaan Werbrouck (uitgeverij Houtekiet), Tijn Boon (uitgeverij Lemniscaat).

Eerste Vergadering: VLNR: Eddy Strauven (Het zoekend hert), Erno Eskens (ISVW), Laurens Knoop (Brandstof), Agnès Van Emelen (notuliste), Frank Stappaerts (onderwijsinspecteur), Patrick Loobuyck (hoogleraar), Hans Achterhuis (hoogleraar), Tinneke Beeckman (filosoof), Anne Provoost (auteur), Inge Duytschaever (filosofisch consulent), Florentijn van Rootselaar (Filosofie Magazine), Stefaan Werbrouck (uitgeverij Houtekiet), Tijn Boon (uitgeverij Lemniscaat).

Wat is het Forum? Het biedt de gelegenheid om informatie uit te wisselen, democratisch te overleggen en concrete initiatieven voor te stellen tussen al wie met filosofie bezig is in de Lage Landen: filosofen uit het onderwijs, medewerkers van filosofische organisaties, auteurs, redacteurs en uitgevers. We overleggen bijvoorbeeld over de vraag hoe we burgers (en jongeren) kunnen bereiken die interesse hebben voor filosofische onderwerpen.

Wie zijn het? De oprichters zijn filosofiehuis ‘Het zoekend hert’ uit Antwerpen, de Internationale School voor Wijsbegeerte (ISVW) te Leusden, Brandstof Amsterdam en mediapartner Filosofie Magazine.

Wat doen we? Enkele keren per jaar vergaderen we – we zijn een reizend overlegorgaan om filosofen met elkaar in contact te brengen, en samenwerking te bevorderen. Daarnaast plannen we enkele publieksactiviteiten, waarover we later zullen berichten.

Interesse of vragen? Mail naar forumvoorfilosofie@gmail.com

Het forum kreeg de steun van het BesteBuren matchingfonds (van DeBuren) naar aanleiding van 20 jaar cultureel akkoord Vlaanderen-Nederland.