Over het coronavirus, gesprek in “De Wereld van Sofie”, Radio 1, 13 maart 2020

Op Radio 1 had ik een gesprek met Sofie Lemaire in “De Wereld van Sofie” met over wat we al geleerd hebben van het Coronavirus. Op de site van Radio 1 kan het gesprek opnieuw worden beluisterd.

“Coronavirus  in het begin weggelachen?

Aan de start van de verspreiding van het nieuwe coronavirus werd er nogal laconiek gereageerd. We lachten het allemaal wat weg, maar nu overvalt ons toch een bepaald schuldgevoel. “Ik vind het wel oké dat er mee gelachen wordt”, zegt filosofe Tinneke Beeckman in ‘De Wereld van Sofie’. “Het is een heel normale reactie.”

Volgens Tinneke Beeckman heb je altijd een beetje tijd nodig om te beseffen hoe ernstig een situatie is. “Je kan het jezelf niet kwalijk nemen dat je niet op elk moment een volledig inzicht hebt in hoe ernstig iets is.” Het een beetje weglachen is een manier om ermee om te gaan.

Kwetsbaarheid van de mens

Misschien heeft het wel te maken met het feit dat we ons iets te sterk voelen op de wereld. Dat we niet meer verwachten dat we geraakt kunnen worden.

“Daar valt veel over te zeggen. Dan daag je het noodlot in zekere zin ook uit. Je wordt heel nonchalant en zelfgenoegzaam.”

Deze situaties van leven en dood zijn we niet meer gewoon. “De dood is iets wat we steeds meer denken te kunnen controleren door de technologie bijvoorbeeld. We leven ook langer. Maar plots ontstaat er iets dat aan de controle ontsnapt. Al behoort het eigenlijk gewoon tot het leven. “

“We zijn minder zelfvoorzienend en we zijn ons niet altijd bewust van die kwetsbaarheid. Maar dat ervaren we deze dagen wel”, zegt Beeckman.

Respecteer de politici

De houding tegenover politici is Beeckman al opgevallen de voorbije weken. “In goede tijden verwachten we dat politici dingen doen die ons goed uitkomen, en vooral op korte termijn. Hervormingen die nodig zijn op langere termijn, daar moeten we niet echt veel van weten. We zijn daar heel aarzelend over. Denk aan het klimaat of de betonstop.”

“Maar als het dan crisis is”, gaat Beeckman verder, “dan willen we plots dat politici leiderschap tonen. En dat is moeilijk want die politici zijn het gewoon om naar de burgers te luisteren.”

“Ik denk dat we in tijden van crisis maar ook in andere tijden, leiderschap moeten verdragen. We moeten er ook mee om kunnen dat er beslissingen worden genomen die misschien niet zo populair zijn maar wel noodzakelijk. Als we leiderschap eisen moeten we het altijd eisen, en niet alleen nu.””

‘Een vlaag van walging’, column DS, 13 februari 2020

Het coronavirus verspreidt zich in China en daarbuiten. In China neemt de overheid draconische maatregelen: burgers dragen mondmaskers, quarantaines worden opgericht en sommige steden worden zo goed als afgesloten. Ook elders in de wereld leeft enige angst voor het onbekende virus. Dit is begrijpelijk; vroeger hebben ziekten zoals de pest of de Spaanse griep ravages aangericht. Maar ziekten genereren ook walg. En dat gevoel is politiek gezien veel relevanter dan vaak wordt gedacht.

Walg is een sterke fysieke reactie op tekenen van ziekte of verval. Wie beschimmeld voedsel, uitwerpselen of braaksel waarneemt, wil meteen afstand nemen. Deze scherpe reflex is nuttig; het lichaam kiest voor zelfbescherming. Maar de gevoeligheid voor weerzin beïnvloedt ook morele en politieke oordelen. Op een diep psychologisch niveau verbinden we weerzin met ‘wij’ en ‘zij’, met wie er bij hoort, en wie niet; wie kunnen we vertrouwen, en wie niet; wat we zuiver vinden, en wat niet.

Vaak merken we die reactie amper: in vergelijking met woede, geluk of verdriet, heeft walg een minder bewust effect op keuzes. Maar dat maakt de emotie niet minder belangrijk, aldus psycholoog David Pizarro (Cornell University). Afkeer is meer een kwestie van reactie dan actie, van reflex dan reflectie. Dat geeft haar een retorische kracht, aldus Pizarro; ze is als een kleine ‘hack’ in de hersenen.

Wanneer politici er in slagen dit gevoel van aversie aan bepaalde groepen te koppelen, genereren ze dan ook een sterke emotionele respons. En dat gebeurt regelmatig. Recent verbond Filip Dewinter het coronavirus met het ‘islamvirus’. In nazipropaganda werden Joden met ratten en ongedierte vergeleken. Ook Donald Trump verwijst vaak naar afkeer. Tijdens een meeting sprak hij bijvoorbeeld over Hillary Clintons ‘walgelijke’ toiletstop tijdens een televisiedebat. Zo’n opmerkingen lijken van de pot gerukt, maar ze sorteren wel effect.

Meer nog, experimentele psychologen hebben aangetoond dat rechts-conservatieve kiezers gevoeliger zijn voor walg dan liberale kiezers. Neurowetenschapper Read Montague (Virginia Tech University) mat de neurale respons van mensen terwijl ze beelden bekeken van misvormde dieren, vuile toiletten en gezichten met zweren. Hij peilde ook naar hun politieke ideeën, op een spectrum van extreem liberaal tot extreem conservatief. En de gevoeligheid voor weerzin bleek groter te zijn bij conservatieven. Aan de scan kon Montague zelfs met 95% zekerheid zeggen of iemand liberaal dan wel conservatief was. De testpersonen kregen ook gewelddadige beelden te zien (mannen met revolvers gericht op de camera; vechtscènes, autowrakken) en aangename beelden (lachende babies, zonsondergangen, konijntjes). Maar alleen bij afkeer was er een sterke correlatie tussen respons en politieke overtuiging. Ook andere studies, van bijvoorbeeld Michael Bang Andersen (Aarhus University), wijzen op een overeenkomst tussen een gevoeligheid voor walg en een conservatieve ethos, zoals traditionalisme, religiositeit, steun voor autoriteit en hiërarchie, seksueel conservatisme en wantrouwen tegenover anderen. Walg heeft dus morele effecten; ethiek handelt niet alleen over goed en kwaad, maar ook over het zuivere. Religies hebben duidelijke regels voor voedsel, seksualiteit en de behandeling van lijken, bijvoorbeeld. Gelovigen ervaren weerzin bij de gedachte aan overtredingen.

Gevoelens van walg hebben zelfs een impact op politieke en morele ideeën: als de context afkeer oproept, verschuiven politieke ideeën naar de rechterkant van het spectrum. In Pizarro’s test, bijvoorbeeld, moesten proefpersonen morele en politieke vragen beantwoorden. Naast hen stond een bord dat eraan herinnerde om de handen te wassen teneinde griepinfecties te vermijden. Die verwijzing volstond om meer rechtse politieke stellingen en moreel conservatieve voorkeuren te noteren.

Niemand weet voorlopig hoe lang het coronavirus zich nog zal verspreiden, of hoe gevaarlijk het echt is. Continue Reading ›

“De band tussen vriendinnen Assita Kanko en Tinneke Beeckman”, Het Nieuwsblad, 19 oktober 2019

Bij het Europees Parlement. foto: Ivan Put.

Dit artikel verscheen in ‘Het Nieuwsblad’ op zaterdag 19 oktober 2019. Door Nathalie Dirix, foto’s: Ivan Put.

De band tussen vriendinnen Assita Kanko en Tinneke Beeckman”

“Na onze gesprekken voel ik me altijd een beetje slimmer”

“Het was intellectuele liefde op het eerste gezicht.” Zo omschrijft N-VA-politica Assita Kanko (39) de vonk tussen haar en filosofe Tinneke Beeckman (43) tijdens hun allereerste gesprek. Een vonk die meteen het begin was van een mooie vriendschap tussen twee vrouwen.

Het is vrijdagavond. In een café niet ver van het Europees Parlement klinken Assita Kanko en Tinneke Beeckman op het weekend. En op de vele jaren dat ze elkaar nog mogen inspireren.

Hoe hebben jullie elkaar leren kennen?
Tinneke: “Het was zeven jaar geleden tijdens een lezing in Gent. Assita kwam er praten over vrouwenrechten. Wat me opviel, was dat ze een fotografe, Liliane Nabora, meegebracht had en die aan de aanwezigen voorstelde. Dat maakte meteen duidelijk dat Assita generositeit naar vrouwen toe niet alleen predikt, maar ook in de praktijk toepast door vrouwen daadwerkelijk te steunen. Het gaf een gevoel van vertrouwen.”

Assita: “Toen ik diezelfde avond Tinnekes uiteenzetting over de filosoof Spinoza hoorde, viel me op hoe zij gedachten op een heel rustige manier kan overbrengen. Ik zag een intelligente vrouw die heel veel weet en haar kennis niet gebruikt om te imponeren, maar om je aan het denken te zetten. Ik voel me dan ook altijd een beetje slimmer na een gesprek met haar. Eigenlijk was ik meteen verkocht door haar intelligentie en haar bescheidenheid. Noem het maar: intellectuele liefde op het eerste gezicht.” (lacht)

Wat hebben jullie al van elkaar geleerd?
Assita: “Verleden jaar zijn we met een aantal vriendinnen voor een paar dagen naar het zuiden van Frankrijk getrokken. Tinneke toonde er zonder enige gêne haar moederlijke kant aan ons. Hoe vaak heeft ze geen foto’s van haar babydochtertje, Alma, getoond? Ze miste haar en liet dat duidelijk blijken. Mooi vond ik dat. Het zette me aan het denken. Je hoeft inderdaad je kwetsbaarheid als moeder niet te verbergen. Ik denk dat ik dat vroeger als kersverse moeder te veel gedaan heb.”

Tinneke: “Het klopt dat ik zonder enige schaamte de moeder in mij naar boven laat komen. Maar als het over van elkaar leren gaat, dan sta ik graag even stil bij het boek dat Assita schreef. Daarin leerde ik niet alleen een vrouw kennen die het slachtoffer van genitale verminking geworden was. Ook een vrouw die ervoor gekozen heeft om zichzelf te emanciperen. Ik heb haar via mail laten weten hoe belangrijk haar verhaal was om andere mensen die verdrukt en niet gehoord worden een stem te geven.”

Wat waarderen jullie in elkaar?
Assita: “Ik zou eindeloos naar Tinneke kunnen luisteren. Ze kan me tot rust brengen. Maar vergis je niet: achter haar rede gaat heel wat passie schuil. Die combinatie van passie en intelligentie vind ik heel bijzonder. Voor Tinneke is denken een proces dat nooit stopt. Zelf vind ik een open mindset ook heel belangrijk. Want als het denken stopt, stopt ook de dialoog. Daarom vind ik het boek The righteous mind – Why good people are divided by politics and religion van Jonathan Haidt zo boeiend. Hij maakt duidelijk waarom we ons in de loopgraven van ons eigen gelijk graven, als we stoppen met nadenken.”

Tinneke: “Jij hebt dat boek dus ook gelezen. Is inderdaad een bijzonder interessant boek dat aantoont hoe belangrijk het is om empathie te hebben, ook voor de mensen met wie je het niet eens bent. Maar al te vaak zijn we gefocust op ons eigen grote gelijk, waardoor we vergeten echt te luisteren naar wat de andere zegt. Belangrijk is niet dat je het eens bent met de andere, wel dat je van elkaar leert. Dat andere mensen anders in het leven staan dan jijzelf, is echt oké.”

Assita: “Tinneke schrikt er niet voor terug om voor haar mening uit te komen. Ze zegt wat ze denkt. Toch houdt ze er geen rigide denkbeelden op na. Ze staat met een grote openheid in de wereld. Dat waardeer ik. Ook hou ik ervan dat ze haar vrouwelijkheid toont. Is het je al opgevallen dat ze altijd lipstick draagt?” (lacht)

Tinneke: “Zonder lipstick voel ik me naakt en kom ik niet buiten. (lacht) Waarom zouden zorg voor het lichamelijke en het geestelijke niet samengaan? Assita bewijst trouwens ook dat die combinatie perfect kan. Haar gedrevenheid en sensualiteit, ik vind het een knap duo. En haar enorme geloof in de vrouwelijke kracht en haar talent om die kracht aan te wakkeren. Assita richtte Polin op om vrouwen in de politiek te empoweren. Knap is dat ze erin slaagt om vrouwen, over de partijgrenzen heen, samen te brengen en ze te doen geloven in zichzelf. Haar inzet bestaat erin het beste in zo veel mogelijk vrouwen naar boven te brengen. Zelf ben ik een paar keer naar zo’n Polin-bijeenkomst gegaan. De positieve energie die ik er voelde, werkt aanstekelijk.”

Het is de laatste tijd stil rond Polin.
Assita: “Mijn agenda is op dit moment drukbezet door mijn werk in het Europees Parlement, maar ik ben met een aantal mensen aan het brainstormen over hoe we Polin nieuw leven kunnen inblazen. Zodat het opnieuw als platform ingezet kan worden waar vrouwen samen dingen in beweging zetten. Want daar is het mij echt om te doen: tastbare resultaten op het vlak van vrouwenrechten neerzet
Vullen jullie elkaar goed aan als doener en denker?

Tinneke: “Assita is zeer actiegericht. Ze heeft ook een zeer druk sociaal leven. Dat past bij haar rol als politica. Zelf ben ik meer introvert. Ik hou ervan om zaken meer vanop afstand en vanuit een beschouwend perspectief te bekijken. Dat wil echter niet zeggen dat ik filosofie als puur abstracte theorie zie. Voor mij moet filosofie over iets wezenlijks gaan. Het moet je aanzetten tot denken. Je helpen om je denken te verruimen, zodat je meerdere denkpistes krijgt waaruit je kunt kiezen. Daarom is het contact met Assita ook zo interessant. Haar wereld verruimt ook mijn denken.”

Assita: “Weet je wat ons ook verbindt? Dat we allebei van lekker eten en literatuur houden.”

Over welke onderwerpen praten jullie graag met elkaar?
Assita: “Dat kunnen de meest uiteenlopende onderwerpen zijn. Mooie mannen is er een van. (lacht) Een ernstiger thema dat regelmatig in onze gesprekken opduikt, is: durf te denken. Het valt ons op hoe moeilijk het voor heel wat mensen is om hun denkpatronen in vraag te stellen.”

Tinneke: “Er is vandaag een sterke ideologische verdeeldheid in het debat. Je wordt snel in een kamp geplaatst. We vinden het allebei jammer dat het zo moeilijk is om het hokjesdenken te overstijgen. Nochtans, tijden veranderen. De wereld ziet er vandaag helemaal anders uit dan dertig jaar geleden. Het is dan toch ook logisch dat je concepten en recepten die dertig jaar geleden werkten, durft uit te dagen.”

Assita: “Op dat vlak vinden we elkaar helemaal. Het gebeurt regelmatig dat ik iets lees waarvan mijn wenkbrauwen fronsen. Dan stuur ik die tekst met een smiley naar Tinneke en weet ik dat ze het begrepen heeft.”

Tinneke: “Kwetsbaarheid en authenticiteit liggen ons allebei na aan het hart. In onze gesprekken hebben we het er soms over. Over hoe je in die jungle van opinies oprecht jezelf kunt blijven zonder opzijgeschoven of verkeerd begrepen te worden.”

Assita: “Ik heb daarin geleerd dat ik de andere niet kan veranderen. Wel kan ik nadenken hoe ik mijn boodschap beter kan overbrengen zonder dat ik hoef in te binden.”

Tinneke: “Assita wordt soms nogal hard aangepakt op sociale media. Ik begrijp dat niet, want niemand wordt mooi door haar lelijk te maken. Hoewel ze weet hoe met die aanvallen om te gaan, helpt het om er af en toe over te praten en zo zaken in perspectief te plaatsen.”

Waarin verschillen jullie van elkaar?
Tinneke: “We hebben een heel ander temperament. Ook over sociaal-economische zaken kunnen we van mening verschillen. Ik vind dat totaal geen probleem. Ik heb helemaal geen behoefte om met mensen af te spreken die net hetzelfde als ik denken. In de politiek gaan zou ook niets voor mij zijn. Daarvoor koester ik te veel mijn onafhankelijkheid als filosoof. Die onafhankelijkheid is volgens mij niet compatibel met partijpolitiek.”

Assita: “Ik ben weliswaar geen filosoof en toch filosofeer ik graag. En ook al ben ik dan politica, toch blijf ik voor mezelf denken en mijn mening zeggen.”

Maar als filosoof zal je vrijheid van denken toch minder snel ingeperkt worden dan als politica.
Assita: “Toch vind ik dat je ook als politica moet kunnen blijven zeggen wat je denkt. Ik besef dat dit een grote uitdaging is. Maar ik ben wie ik ben en wil graag zo blijven. Wel vind ik het belangrijk dat je de bal en niet de man of de vrouw speelt. Dat is trouwens niet mijn manier van aan politiek doen.”

Tinneke: “Je kunt inderdaad als politica voor jezelf blijven denken. Maar voor mij is dat toch iets anders dan als filosoof vrij denken. Ik heb geen kiezers die bepaalde zaken van me verwachten. Wat ik wel weet, is dat Assita en ik allebei een grondige hekel hebben om bepaalde denkpatronen opgelegd te worden. Daarvoor staan we veel te veel op onze vrijheid.”

Rechtuit zeggen wat je denkt. Het schrikt geen van jullie beide af. Voelt dat soms niet eenzaam?
Tinneke: “Soms gebeurt het inderdaad dat wat je zegt niet leuk gevonden wordt. Maar als je vrij wilt zijn, moet je eenzaam durven zijn. En als je kijkt welke weg Assita heeft afgelegd, dan kan ik me moeilijk voorstellen dat zij het erg vindt om in een debat met haar mening alleen te staan. Ze komt van Burkina Faso en zit in het Europees Parlement. Dat toont dat ze door iets gedreven wordt dat veel fundamenteler is dan de kritiek die ze krijgt.” Continue Reading ›

“De ravage na de verkiezingen: hoe de stemming omsloeg’, Interview Humo, 4 juni 2019

Humo-journalisten Raf Liekens en Annemie Bulté interviewden me over de verkiezingsoverwinning van Vlaams Belang op 26 mei 2019: wat valt er over de uitslag te zeggen?

Eerder besprak ik dit thema in De Afspraak en op Radio 1.

In dit interview komen ook  Fons Van Dyck, Jan Callebaut, Mark Elchardus, Bart Maddens, Dave Sinardet, Guillaume Van der Stichelen en Cas Mudde aan het woord.

Continue Reading ›

“Waarom filosofen slechte politici zijn”, DS 28 maart 2019

“‘Denk jij dat een filosoof in de politiek iets kan bereiken?’ vroeg een journalist me, nadat Alicja Gescinska aankondigde dat ze in de politiek stapte. Wel, antwoordde ik, het bewijsmateriaal suggereert dat dit zelden lukt. Er zijn twee mogelijke problemen: een aantal filosofen verwart deze wereld met hun ideële voorstellingen, anderen slagen er niet in om het politieke spel naar hun hand te zetten.

Blijkbaar is er iets aan het filosofische denken waardoor veel filosofen erbarmelijke politieke keuzes maken. Deze kwestie is letterlijk zo oud als Plato; deze Griek schetste de ideale staat als weerspiegeling van eeuwige, perfecte ideeën, waarin filosofen als verlichte despoten zouden regeren. Hij verkoos de tirannie boven de Atheense democratie. Ook in recente tijden konden heel wat filosofen de lokroep van extreemlinkse (communistische) of extreemrechtse (nazistische, fascistische) dictaturen niet weerstaan, denk maar aan de maoïst Alain Badiou of Martin Heidegger, die een partijkaart van de NSDAP nam. Hannah Arendt verafschuwde deze totalitaire keuzes zo erg, dat ze geen filosoof genoemd wilde worden. In ‘The Life of the Mind’ tracht ze de typisch filosofische hang naar het tirannieke te verklaren door de voorkeur voor het contemplatieve leven. De Griekse filosoof Thales tuurde al wandelend zo intens naar de sterren, dat hij in een put viel. Zijn Thracische dienstmeid lachte hem hartelijk uit. Dat is Arendts les: politiek draait om handelen in pluraliteit, samen met anderen. Laat dit niet over aan denkers, al menen zij dat ze de verheven morele waarheid in pacht hebben.

Tegelijkertijd zijn er heel wat democratisch gezinde filosofen, die niet in de politieke wereld konden gedijen. Alexis de Tocqueville, bijvoorbeeld, schreef een meesterwerk over de democratie, maar ergerde zich blauw aan het politieke spel, en verliet na enkele jaren het Franse parlement. Idem voor John Stuart Mill, een uitzonderlijk politiek denker, die vrij spoedig gedesillusioneerd uit de politiek stapte.

Recent deed Michael Ignatieff een poging dit fenomeen te begrijpen, in zijn weergaloze, autobiografische ‘Fire and Ashes’. Deze man begrijpt de ervaring van het denken én van het politieke handelen; hij was professor politieke filosofie aan Harvard University, toen hij in 2004 aan een campagne begon om eerste minister van Canada te worden. ‘Noblesse oblige’, dacht de aristocraat Ignatieff. Maar in zijn boek ligt hij op pagina 20 al in de touwen. Hij had nochtans de ideeën, de gelegenheid, de middelen en het team om te slagen. Ignatieff leerde dat politiek fundamenteel verschilt van denken.

Continue Reading ›

“Waarom is politieke verandering zo moeilijk ?” op Radio 1, 3 feb. 2019

Op zondag 3 februari sprak in het radio 1 programma ‘De Ochtend’ met Steffy Merlevede over politieke verandering – naar aanleiding van de discussie over het klimaat. We hadden het over bredere politiek-filosofische vragen: waarom is die verandering zo moeilijk? Wat betekent visie in de politiek? Hoe spelen verkiezingen een rol?

Ik had het onder meer over de status van bedrijfswagens (waardoor ze niet makkelijk worden afgeschaft), over de rol van de politicus als trustee (die waakt over het algemeen belang) dan wel als delegate (afgevaardigde van een kiezer of een belangengroep), en over schijnbare onwrikbare afspraken, die plots kantelden (zoals vrouwenstemrecht of roken op café).

“Michael Ignatieff in Amsterdam”, 26 jan. 2019

Op zaterdag 26 januari had ik de eer en het genoegen om de inleidende lezing te verzorgen voor Michael Ignatieff, in gesprek met Yoeri Albrecht in De Balie te Amsterdam.

De hele avond kan je opnieuw bekijken op de site van De Balie.

Zijn de Europese democratieën in beroering?

Michael Ignatieff, rector van de Central European University, en auteur van heel wat spraakmakende werken, sprak over de crisis van de huidige democratie, populisme, Hongarije, de Europese Unie, maar ook over zijn ervaringen als politicus en schrijver.

 

Het werd een heel inspirerende, boeiende interactie, ook met het publiek dat enkele rake vragen stelde over solidariteit, idealisme en de toekomst van Europa.

 

 

Aanraders van Michael Ignatieff:

  • ‘Gewone deugden’, over welke gewone deugden helpen om de chaos te beperken, met verslagen van bezoeken aan Brazilië, Los Angeles, New York, Japan en vele andere plekken
  • Isaiah Berlin:  A Life – biografie van Isaiah Berling
  • ‘Fire and ashes’ – Vuur en as – over Ignatieffs bikkelharde, ontnuchterende ervaringen in de Canadese politiek.